Het lijkt er sterk op dat het gemiddelderecord van Alan Warriner-Little nog een jaartje langer in zijn bezit blijft. ‘The Iceman’ wierp tijdens de World Grand Prix 2001 een bizar hoog gemiddelde van 106.45.

Warriner-Little gooide destijds onder meer twee 12-darters en een 10-darter in zijn eerste rondepartij tegen Andy Jenkins. De Engelsman, momenteel voorzitter van de spelersvakbond PDPA, is de enige speler die op de World Grand Prix een gemiddelde van boven de 105 heeft geproduceerd.

Gary Anderson (104.86) en Michael van Gerwen (104.47) kwamen in 2013 dichtbij het record van Warriner-Little. Het hoogste gemiddelde van Phil Taylor op het dubbel-in dubbel-uit toernooi was 103.02, gegooid in 2011.

Een ander record sneuvelde wel tijdens de World Grand Prix 2018. Van Gerwen en Dave Chisnall wierpen gezamenlijk het hoogste gecombineerde record.

Tags: ,

Author: Pieter Verbeek