De behandeling van
Luke Littler door het publiek tijdens de
World Series of Darts Finals in Amsterdam blijft onderwerp van discussie. Nadat de Engelsman dreigde om in de toekomst toernooien in Nederland over te slaan, bespraken Michael Bridge, Polly James en voormalig profdarter Paul Nicholson de gebeurtenissen uitgebreid
in de podcast Love The Darts. Vooral het harde gefluit vanuit de zaal kon op weinig begrip rekenen.
Bridge benadrukte dat Littler zich niet zozeer stoorde aan het boegeroep. Volgens informatie die hij vanuit het team van de Engelsman kreeg, vormden vooral de plotselinge fluitconcerten het probleem.
"Het ging niet per se om het boegeroep tijdens de wedstrijden", legde Bridge uit. "Hij had vooral het gevoel dat het gefluit hem uit zijn concentratie haalde en dat het verder ging dan plagen, plezier of hoe je het ook wilt noemen."
Bridge wees er bovendien op dat Littler zijn kritiek al uitte nadat hij een wedstrijd had gewonnen. Zijn opmerkingen kwamen dus niet pas na zijn latere nederlaag tegen Jonny Clayton. Volgens Bridge kreeg Littler bovendien excuses aangeboden door de Nederlandse televisiemensen die ter plaatse aanwezig waren.
Luke Littler werd tijdens de World Series of Darts Finals veelvuldig uitgefloten door de Nederlandse fans
‘Het was echt meedogenloos’
James maakte de
World Series of Darts Finals zelf van dichtbij mee en schrok van de intensiteit van het gefluit. Vooral tijdens Littlers wedstrijd tegen Danny Noppert op vrijdagavond liep de spanning volgens haar flink op.
"Er werd uitgejouwd en geroepen, maar het gefluit was heel erg luid", vertelde James. "Toen hij vrijdag tegen Danny Noppert speelde, dacht ik echt: dit moet het ergste zijn wat ik ooit heb gehoord."
James heeft in het verleden ook wedstrijden van Gerwyn Price in Alexandra Palace meegemaakt, waar de Welshman met een vijandig publiek te maken kreeg. Toch maakte de situatie rond Littler indruk. "Toen hij tijdens de pauze van het podium liep, dacht ik zelfs: komt hij eigenlijk nog wel terug? Het was echt meedogenloos."
Eenmaal terug in de persruimte deelde James haar verbazing met de aanwezigen. Daar kreeg ze echter te horen dat de omstandigheden tijdens wedstrijden van Littler in Duitsland zelfs nog heftiger kunnen zijn.
"Ze zeiden tegen mij: je bent nog niet in Duitsland geweest om hem te zien spelen of om het gefluit daar te horen. Blijkbaar is het daar nog veel erger. Maar van wat ik zelf meemaakte, dacht ik: dit is wel heel veel om mee om te moeten gaan."
Nicholson legt verschil tussen boegeroep en fluiten uit
Nicholson heeft geen problemen met interactie tussen spelers en het publiek. Volgens de voormalig profdarter is dat juist een belangrijk onderdeel van de sport. "We hebben Littler vaker een beetje zien dollen met het publiek en daar zijn we allemaal voor. We willen juist dat die connectie er is. Een van de mooiste dingen aan deze sport is dat er een band bestaat tussen de fans en de sterren."
Volgens Nicholson ontstaat er echter een probleem wanneer supporters bewust gaan fluiten. Dat geluid heeft volgens hem een veel grotere invloed op een speler dan regulier boegeroep. "Wat we momenteel zien, is een trend waarbij mensen fluiten om zichzelf te laten horen. Darters houden daar niet van, omdat het zo'n doordringend geluid is. Het komt heel kort en scherp binnen en verschijnt uit het niets."
Juist die onvoorspelbaarheid maakt het volgens Nicholson lastig. Een speler weet niet wanneer het volgende fluitsignaal komt. "Je weet niet of het gebeurt wanneer je voor een wedstrijdpijl gooit, voor een legdart of zelfs wanneer je op een triple mikt. Als het zo uit het niets komt, kan het je uit je worp halen en kan je schouder reageren. Dat wil je niet."
Boegeroep is volgens Nicholson gemakkelijker te verwerken. "Een boe heeft een lagere frequentie en is veel gelijkmatiger. Daar kun je veel beter mee omgaan. Maar die korte, scherpe fluitsignalen, want dat zijn het, zijn verschrikkelijk."
Het grootste probleem ontstaat volgens de voormalig prof wanneer een speler na het eerste fluitsignaal rekening gaat houden met een volgende verstoring. "Als het één keer gebeurt, denk je meteen: gaat het opnieuw gebeuren? Daardoor kun je je niet meer volledig concentreren."