Op 9 mei verloor Kyle Anderson enkele wedstrijden. Zoiets kan gebeuren. Oké, Anderson was niet in z’n beste doen, toen hij in de PDC Home Tour verloor van Daniel Larsson en Martin Schindler. Maar een besmetting met het coronavirus speelde de Australiër ook parten. Bovendien versloeg hij wél Dirk van Duijvenbode.

The Original eindigde onderaan in z’n groep, maar dat hij daarvoor zulke privéberichten zou krijgen… Ik wil u alvast waarschuwen voor de harde taal in heel wat van die berichten, waarvan u er hier enkele te lezen krijgt.

“Mijn god. Wat ben je slecht in darts.”

“Sukkel.”

“Hoe kan je nu verliezen van een Zweed? Je moest je schamen. Loop naar de hel.”

Zoals we van hem kunnen verwachten, nam Anderson het goed op. Maar de sociale media maakten hier duidelijk welke reacties sporters kunnen krijgen. Na zijn afscheid uit de PDC Home Tour moest Joe Cullen zich ook al beschermen tegen de meestal verre van constructieve kritieken op Twitter. Maar “the Rockstar” legde deze criticasters niet lang daarna wel het zwijgen op, door Groep 31 te winnen. De Modus Icons of Darts krijgt veel aandacht, maar helaas gaat die aandacht ook gepaard met negatieve reacties, waaronder zelfs beschuldigingen van gesjoemel.

Darters zorgen voor uniek amusement, en dan nog kunnen ze blijkbaar niet voor iedereen goed doen. Uit allerhande polls op het Twitter-account van de PDC blijkt de groeiende vijandigheid jegens de sport en zelfs jegens individuele spelers. Uiteraard vormen de sociale media een “bubbel” waarin trollen meer invloed hebben of kunnen hebben dan in het echte leven, maar het gedrag van het publiek is iets waarover we ons in toenemende mate zorgen kunnen en moeten maken. Persoonlijke aanvallen op spelers komen immers steeds vaker voor, iets waar Gerwyn Price, Justin Pipe, William O’ Connor en meer in het algemeen ook opponenten van Duitse spelers in Duitsland over kunnen meepraten.

Kelly Deckers/PDC

Foto: Kelly Deckers/PDC

De eerder beschreven herrieschoppers denken dat hun gedrag gewoon deel uitmaakt van de sport, en precies daar wringt het schoentje. In dat opzicht worden er wel eens vergelijkingen gemaakt met het voetbal. Maar voetballers nemen en houden de laatste decennia op alle vlakken en manieren afstand van hun fans, wat helemaal anders is in het darts. Darters worden nog steeds gezien als vrij gewone mensen, die toevallig heel goed zijn in dat ene spel dat wij ook in een café, pub, bar of zelfs gewoon thuis kunnen spelen. Dat maakt de afstand – op sociale media én in de realiteit – tussen de spelers enerzijds en de fans en andere toeschouwers anderzijds veel kleiner.

De vraag is of dat niet dreigt te veranderen, als de spelers zo behandeld blijven worden. Anderson zou bij blijvende pesterijen wel eens kunnen overwegen om zijn account op Twitter af te sluiten. Zo was er ook het geval waarin voormalig voetballer Ian Wright een trol terecht op de vingers tikte voor diens racistische post op Instagram. Mensen moeten gewoon beseffen dat ze met een beledigende boodschap ook iemand effectief kunnen beledigen, en op een gegeven moment is de maat vol. Als de darters zich vanwege dergelijke kwetsende uitspraken en andere pesterijen gaan afsluiten van hun fans, zou dat een groot deel van de charme van het darts wegnemen.

Voor alle duidelijkheid; niemand is immuun voor kritiek. Hoge bomen vangen veel wind, en dat is in het darts niet anders. Michael van Gerwen trok zich niet te veel aan van speculaties over een vermeende inzinking, en maar goed ook, want het zou hem van verdere successen weerhouden hebben. Maar omdat darts een individuele sport is, zijn kritieken hier juist vaak veel persoonlijker, en worden ze ook gemakkelijker persoonlijk opgevat. Toch moeten we ons allemaal – spelers én toeschouwers – bewust zijn van onze eigen verantwoordelijkheden. Zowel de speler zelf als de toeschouwer kan ontgoocheld of zelfs boos zijn door een tegenvallende uitslag of prestatie, maar dat rechtvaardigt geen verbale of fysieke agressie jegens de andere(-n). De kracht en charme van het darts zit in de connectie tussen speler(-s) en toeschouwer(-s). Laten we daarbij denken aan het voorbeeld van Ian White.

Tags:

Author: Bram Coenen