"Na negen pijlen zouden we elkaar al de huid vol schelden" - Gary Anderson ziet zoon Ty (12) in zijn voetsporen treden, maar samen darten ziet hij niet zitten

PDC
Gary Anderson (4)
Gary Anderson heeft in zijn indrukwekkende carrière vrijwel alles meegemaakt wat de dartswereld te bieden heeft. De tweevoudig wereldkampioen groeide uit tot een van de beste spelers aller tijden, maar tegenwoordig kijkt hij ook met belangstelling naar de nieuwe generatie. Vooral zijn twaalfjarige zoon Ty laat regelmatig van zich horen aan het dartbord. Toch ziet Anderson het voorlopig niet zitten om samen met zijn zoon een koppel te vormen. "Na negen pijlen zouden we elkaar al de huid vol schelden", grapt de Schot in een uitgebreid interview met Online Darts.
Anderson was aanwezig bij de presentatie van de nieuwe Unicorn-collectie voor 2027, waar hij uitgebreid terugblikte op zijn carrière en vooruitkeek naar de toekomst van de sport. Daarbij kwam ook de ontwikkeling van zijn zoon ter sprake.
Ty Anderson maakt op jonge leeftijd al indruk met zijn prestaties aan het dartbord. Toch heeft zijn vader naar eigen zeggen weinig invloed gehad op de manier waarop hij speelt. "Het gaat best goed met hem. Alleen heeft hij niet bepaald het beste voorbeeld als het om trainen gaat", grapt Anderson. "Hij moest laatst een wedstrijd spelen en volgens mij heb ik hem thuis twee minuten zien gooien voordat hij vertrok."

"Na negen pijlen zouden we elkaar al de huid vol schelden"

Hoewel Anderson zelf bekendstaat om zijn natuurlijke worp, benadrukt hij dat hij zijn zoon nooit heeft geleerd hoe hij moet gooien. "Hij heeft altijd dezelfde worp gehad. Ik heb hem nooit iets voorgedaan. Misschien doet hij het alleen maar om mij te irriteren, maar hij wint zijn wedstrijden en doet het hartstikke goed."
De Schot krijgt vervolgens de vraag of hij na zijn professionele carrière ooit samen met Ty zou willen deelnemen aan een koppeltoernooi. Daar hoeft Anderson niet lang over na te denken. "Nee, dan krijgen we gegarandeerd ruzie. Na negen pijlen zouden we elkaar al de huid vol schelden. Hij zou op mij mopperen of ik op hem. Soms gooien we thuis samen een paar pijlen en binnen drie minuten breekt de hel los."
Volgens Anderson is zijn zoon bovendien niet altijd even ontvankelijk voor adviezen van zijn vader. "Ik ben gewoon zijn vader die nergens verstand van heeft. Je probeert hem te helpen, maar die kinderen luisteren toch niet", lacht hij. Anderson probeert zijn zoon vooral duidelijk te maken dat hij nog alle tijd heeft om zich te ontwikkelen. "Hij is pas twaalf jaar. Dat zeg ik ook tegen hem: je bent nog maar een kind."
Wat Anderson opvalt aan de nieuwe generatie, is dat jonge spelers steeds meer waarde hechten aan hun gemiddelden. Volgens de Schot wordt daardoor soms vergeten waar het bij darts werkelijk om draait.
"Die kinderen zijn allemaal bezig met gemiddelden. Natuurlijk is het leuk om te zien hoe goed je speelt, maar uiteindelijk gaat het om winnen. Als je een wedstrijd wint met een gemiddelde van 60, moet je die overwinning gewoon pakken. Gemiddelden zijn niet het belangrijkste in darts. Het gaat om winnen en die laatste dubbel raken."
De tweevoudig wereldkampioen ziet bovendien dat de populariteit van darts onder jongeren enorm is toegenomen. Volgens hem begint de sport steeds meer op voetbal te lijken.
"Vroeger wilde ieder kind in Groot-Brittannië voetballer worden. Ze wilden allemaal Ronaldo of Messi zijn, maar slechts een heel klein aantal haalt dat niveau. Bij darts gebeurt nu hetzelfde. Iedereen wil Luke Littler worden, maar er zijn maar weinig spelers die zo'n bijzonder talent hebben."
Anderson verwacht dat de komende jaren veel jonge spelers zullen doorbreken, maar waarschuwt tegelijkertijd dat succes niet vanzelfsprekend is. "Kijk maar naar wat Littler heeft gedaan. En nu hebben we bijvoorbeeld de jonge Mitchell Lawrie die eraan komt. Maar die jongens hebben nog een lange weg voor zich. Ik denk dat we de komende jaren ontzettend veel nieuwe spelers gaan zien."
Gary Anderson lacht.
Anderson staat op 55-jarige leeftijd nog altijd in de top 16 van de wereld.

Anderson onder de indruk van Mitchell Lawrie en Tom Sykes

Vooral zijn landgenoot Mitchell Lawrie wordt gezien als een van de grote talenten binnen het Schotse darts. De jonge darter wordt in november zestien jaar en zou mogelijk al snel de overstap naar het professionele circuit kunnen maken.
Volgens Anderson beschikt Lawrie over voldoende kwaliteit om zich tussen de gevestigde namen te mengen. "Mitchell is absoluut goed genoeg om een Tour Card te verdienen. Of het te vroeg zou zijn? Dat weet ik niet. Het hangt helemaal af van hoe hij mentaal in elkaar zit. Misschien komt hij meteen binnen en speelt hij iedereen van het bord."
Toch vindt Anderson dat de jonge Schot vooral zijn eigen keuzes moet maken. "Hij wordt pas zestien en heeft nog minstens dertig jaar voor zich. Het is een lange weg. Hij moet vooral doen waar hij zich prettig bij voelt."
Ook Tom Sykes heeft indruk gemaakt op Anderson. De Engelsman beschikt volgens hem over alle kwaliteiten om in de toekomst een succesvolle profdarter te worden. "Ik denk dat Tom een fantastische speler gaat worden. Hij heeft een geweldige worp en alles wat nodig is om succesvol te zijn. Hij moet alleen nog dat ene stapje zetten. Als hij eenmaal een goede reeks neerzet, kan het heel snel gaan. Dan gaat hij ervandoor als een renpaard."
Anderson staat erom bekend dat hij talent goed kan herkennen. Zo sprak hij in het verleden ook al lovend over een jonge Michael Smith, die later zou uitgroeien tot wereldkampioen.
Wanneer Anderson terugblikt op zijn eigen carrière, staat hij vooral stil bij de enorme ontwikkeling die de dartssport heeft doorgemaakt. De Schot maakte de overgang mee van wedstrijden in kleine cafés tot uitverkochte zalen met tienduizenden toeschouwers. "Kijk eens hoe ver het darts gekomen is. Toen de Premier League begon, speelden we nog in kleine zalen. Tegenwoordig zitten er tienduizenden mensen te kijken. De sport heeft gigantische stappen gezet."
Tijdens het interview komt ook een opvallend verhaal uit zijn BDO-verleden ter sprake. Anderson stond er destijds om bekend dat hij regelmatig zijn pijlen in het meer bij Lakeside gooide. Volgens de Schot gebeurde dat echter niet uit frustratie, zoals vaak werd aangenomen.
"Dat deed ik gewoon voor de lol. Ik heb ooit de Gold Cup gewonnen en zelfs de pijlen waarmee ik dat toernooi won, gingen het meer in. Iedereen dacht dat ik dat uit woede deed, maar dat was helemaal niet zo. Rob en ik maakten daar gewoon een grap van. Aan het einde van het jaar gingen die pijlen het water in, of ik nu gewonnen of verloren had."

"Ik zou mezelf nooit tussen de grootste darters plaatsen"

Ondanks zijn indrukwekkende erelijst blijft Anderson bescheiden wanneer hij wordt omschreven als een van de beste darters aller tijden. De Schot ziet zichzelf liever niet in hetzelfde rijtje als de grootste legendes van de sport.
"Ik praat daar niet graag over. Als ik aan de grootste darters denk, noem ik namen als Phil Taylor en Eric Bristow. Ik zou er nooit aan denken om mezelf in dat rijtje te zetten. Maar ik heb het niet slecht gedaan. Ik heb het best aardig gedaan." Hij vervolgt: "Ik heb genoten van mijn carrière. Er waren hoogtepunten en dieptepunten, goede en slechte momenten. Maar zo gaat het leven nu eenmaal."
Een van de spelers tegen wie Anderson in zijn carrière het liefst speelde was Adrian Lewis. De voormalig wereldkampioen stond bekend om zijn natuurlijke talent en hoge scorend vermogen. "Ik speelde ontzettend graag tegen Adrian. Dat waren echte dartwedstrijden. Gewoon het podium opgaan en darten, zonder gedoe. Zo hoort het spelletje voor mij te zijn."
Of Lewis ooit terugkeert op het hoogste niveau, durft Anderson niet te voorspellen. "Ik hoop het, maar ik weet het niet. Wat hij ook besluit, ik wens hem het allerbeste. Hij is een geweldig talent en een van de meest natuurlijke darters die ik ooit heb gezien."
Claps 0bezoekers 0
loading

Net Binnen

Meest Gelezen

Loading