Jonny Clayton heeft zich zaterdagavond geplaatst voor de kwartfinales van het
EK Darts in Dortmund. De Welshman rekende in de tweede ronde met 10-8 af met Josh Rock, al had hij naar eigen zeggen een stuk minder moeite hoeven te hebben met zijn tegenstander. Na afloop sprak 'The Ferret' met
Dartsnieuws.com over zijn gemiste kansen, een opmerkelijk incident met een verdwenen dartpijl en zijn naderende confrontatie met de Duitse publiekslieveling Martin Schindler. Ook had Clayton een duidelijke boodschap voor supporters die wedstrijden proberen te verstoren door te fluiten.
Hoewel Clayton uiteindelijk aan het langste eind trok, was hij niet helemaal tevreden over zijn optreden. Vooral op de dubbels liet de Welshman mogelijkheden liggen om eerder afstand te nemen van Rock.
"Ik miste natuurlijk een aantal dubbels. Josh en ik zijn goede vrienden. We kunnen goed met elkaar lachen en hij is een uitstekende speler. Maar ik heb zelf kansen laten liggen die ik had moeten benutten", erkende Clayton. "Die wedstrijd had een stuk gemakkelijker kunnen verlopen. Maar eerlijk is eerlijk: Josh geeft nooit op. Je komt gewoon niet zomaar van hem af."
Verdwenen dartpijl zorgt voor hilariteit
Een van de opmerkelijkste momenten van de wedstrijd vond al vroeg plaats. Een dartpijl van Rock verdween op merkwaardige wijze in het podium, waarna beide spelers zichtbaar moesten lachen om het incident.
"Fantastisch! Ik zei na de vijfde leg tegen hem in de spelersruimte: als wij allebei zes pijlen op dat ding hadden gegooid, hadden we het waarschijnlijk nog niet geraakt. En jij krijgt het voor elkaar om via een afketsende pijl een dart in de verlichting kwijt te raken. Hoe doe je dat?" vertelde Clayton lachend.
Ook de zoektocht naar de verdwenen pijl zorgde voor de nodige hilariteit. "Iedereen stond naar die dart te zoeken, terwijl je al die lampen recht in je gezicht hebt. Dan kun je dat ding natuurlijk nooit vinden. Het was gewoon ontzettend grappig. Mooie humor."
Ondanks de ontspannen sfeer benadrukte Clayton dat hij zijn sportieve ambities niet uit het oog verliest. De Europese titel lonkt, maar de Welshman weigert te ver vooruit te kijken.
"Natuurlijk zou ik die trofee graag willen winnen. Maar je moet eerst de speler verslaan die tegenover je staat. Zo kijk ik er vanaf mijn eerste wedstrijd naar. Ik moet nog een paar partijen winnen voordat ik die beker omhoog kan houden. Morgen ga ik er in ieder geval alles aan doen."
Clayton eindigde zijn wedstrijd tegen Rock in de tweede ronde op het EK Darts met een finishpercentage van 31%.
Clayton verwacht vijandige sfeer tegen Schindler
In de kwartfinales wacht Martin Schindler, die zaterdag met 10-4 te sterk was voor Jermaine Wattimena. De Duitse nummer één kan in Dortmund rekenen op massale steun van het thuispubliek. Clayton maakt zich daar echter weinig zorgen over. "Ik moet gewoon mijn werk doen. Ik krijg in Duitsland altijd veel respect en ik geniet van de supporters hier. De Duitse fans zijn fantastisch. Ze weten wanneer ze moeten zingen en wat ze moeten zingen."
Dat de aanhang zondag vooral achter Schindler zal staan, vindt hij niet meer dan logisch. "Martin heeft vandaag fantastisch gespeeld. Natuurlijk weet ik dat het publiek achter hem zal staan, maar dat verwacht ik ook. Ik heb vaak genoeg Premier League gespeeld. In Nederland steunen ze de Nederlanders en in Engeland staan de supporters meestal achter de Engelse spelers. Ik heb inmiddels genoeg ervaring. Ik ga me concentreren op mijn eigen wedstrijd en wie weet wordt het mijn dag."
Hoewel Clayton lovend is over de Duitse en Belgische dartsfans, ergert hij zich aan toeschouwers die bewust proberen spelers uit hun concentratie te halen. Vooral het fluiten tijdens het gooien is hem een doorn in het oog.
"Ik zeg het altijd: ik begrijp niet waarom mensen geld betalen voor een kaartje om vervolgens een wedstrijd te proberen verpesten door te fluiten. Dat snap ik gewoon niet. Daarmee verpest je het voor iedereen. Niet alleen voor ons als spelers, maar ook voor de rest van het publiek."
Volgens Clayton bestaat er een duidelijk verschil tussen luidruchtige aanmoedigingen en het bewust verstoren van een worp. "Juichen, zingen en je favoriete speler steunen zorgt ervoor dat wij beter gaan spelen. Daar komen de mensen toch voor? Niet om met gefluit een wedstrijd te verpesten."
Zelfs boegeroep vindt de Welshman minder storend dan een plotseling fluitsignaal. "Als iedereen hetzelfde geluid maakt, kun je je daarop instellen. Maar wanneer iemand ineens fluit, is dat een totaal ander geluid. Dat verwacht je niet en juist daardoor wordt het vervelend."
Clayton verwees daarbij naar een incident tijdens de wedstrijd tussen Luke Littler en Nathan Aspinall. "Volgens mij zag ik Nathan zich omdraaien toen Luke aan het gooien was. Er floot iemand en Nathan keek achterom alsof er iets gebeurd was. Ik weet niet zeker of dat door het fluiten kwam, maar er gebeurde duidelijk iets."
Zijn oproep aan het publiek was helder. "Stop met proberen de wedstrijd te verpesten. Geniet gewoon van het darts. Als jullie genieten, genieten wij ook. Wij proberen jullie tenslotte te geven waarvoor jullie betaald hebben."
"Ik ben waarschijnlijk de slechtste trainer die je ooit zult ontmoeten"
Naast zijn kritiek op het publiek sprak Clayton ook over zijn goede vorm dit seizoen. Daarbij wees hij op het belang van zijn terugkeer in de Premier League, waar hij zeventien weken lang tegen de absolute wereldtop speelde.
"Als je eenmaal in de Premier League zit, speel je iedere week tegen de beste spelers ter wereld. Het maakt niet uit wie je tegenover je krijgt, het zijn allemaal topspelers. Voor mij bestaat er geen betere training. Als je daar niet beter van wordt, weet ik het ook niet meer."
Opmerkelijk genoeg blijkt Clayton buiten de wedstrijden nauwelijks te trainen. "Ik ben waarschijnlijk de slechtste trainer die je ooit zult ontmoeten", bekende hij lachend. "Er hangt thuis een dartbord met de pijlen van mijn zoon erin. De enige keer dat ik een dart gooi, is wanneer ik zijn pijlen zie en denk: laat ik eens kijken hoe die gooien. Dan probeer ik ze, vind ik ze niks en laat ik ze weer liggen. Dat is mijn training."
De Welshman ziet daarin geen enkel probleem. "Alle gekheid op een stokje: we spelen tegenwoordig zoveel wedstrijden. Door tegen de beste spelers te spelen, trainen we eigenlijk voortdurend. Voor mij is dat genoeg."