Jan Dekker is één van de weinige darters in de top-64 van de wereldranglijst die naast zijn dartscarrière nog een tweede baan heeft. Doordeweeks gaat de geboren Drent namelijk door het leven als specialist in bedrijfsfinancieringen bij zijn bedrijf Noordfin.

Dartsnieuws.com ging op bezoek bij Jan Dekker en sprak met hem over zijn eigen onderneming. Daarnaast kwam ook zijn dartscarrière ter sprake, waarin gesproken zijn debuut op Lakeside, veranderingen binnen de PDC en zijn toekomstplannen.

Eigen onderneming

‘Double Dekker’ studeerde in 2012 af aan de Stenden Hogeschool in Emmen, waar hij de opleiding HBO Bedrijfseconomie deed. Sindsdien is de 27-jarige Nederlander werkzaam in de financiële sector.

”Nadat ik mijn studie had afgerond, ben ik als freelancer in dienst getreden bij een bedrijf. Inmiddels heb ik ruim drie jaar een eigen onderneming. Met mijn bedrijf Noordfin help ik ondernemers en vastgoedprofessionals aan kapitaal.”

”Een groot gedeelte van het werk kan ik thuis doen, aangezien deze wereld in hoge mate gedigitaliseerd is. Soms doe ik wel werkbezoeken, omdat je wel in gesprek moet gaan met ondernemers. Eerst spreek ik met ze af om kennis te maken, dan doe ik een voorstel, waarna wordt besloten of we met elkaar in zee gaan.”

Doordat Dekker twee banen combineert, heeft hij nog maar weinig vrije tijd over. De semi-professioneel darter is in het weekend immers vaak van huis voor dartstoernooien. Wanneer Dekker op Pro Tour-toernooien in Engeland moet spelen, is hij pas zondagavond laat thuis. Dat betekent echter niet dat hij standaard op maandag kan uitrusten van zijn dartsverplichtingen.

”Een dagje vrij zit er niet altijd in. Maar aan de andere kant doe ik dit werk ook niet full-time. Mijn vrouw en ik zijn daarnaast ook druk bezig met het gezin. Anderhalf jaar geleden heb ik een dochtertje gekregen, bovendien heeft mijn vrouw ook twee kinderen uit een eerdere relatie. Daar steken we veel tijd in en dat doen we ook graag. Dus er is altijd wel iets te doen, een dagje op de bank hangen komt niet zo vaak meer voor.”

Toch is het voor Dekker nog geen optie om alle pijlen op zijn dartscarrière te richten. De tweevoudig halvefinalist op Lakeside vindt het risico vooralsnog te groot om te stoppen met zijn onderneming.

”Ik vind mijn werk leuk om te doen. Ik wil graag scherp blijven en in de maatschappij betrokken blijven. Ten tweede weet ik ook niet hoe de dartswereld er over tien jaar uitziet met betrekking tot sponsoring en prijzengeld.”

”Het is moeilijk, voor zowel mezelf als mijn gezin, om het risico te nemen om alle energie in darten te stoppen. Het is niet zo dat mijn darts-inkomen hoog genoeg is om het de komende tien jaar rustig aan te doen. Ik zie mijn baan naast het darten een beetje als vangnet voor mijn dartscarrière. Gelukkig dragen mijn sponsors Loonvisie en Bulls Germany bij aan een stukje comfort bij mijn veelbewogen (darts)leventje.”

”Mijn onderneming bestaat al een paar jaar, maar de afgelopen twee jaar ben ik pas zelf aan de slag gegaan om ‘nieuwe kanalen aan te boren’, dus dat staat ook pas in de kinderschoenen. Ik ben ook pas bezig aan mijn vierde seizoen bij de PDC, dus beide werkzaamheden hebben nog ruimte om verder te rijpen.”

Debuut op Lakeside

Terwijl Dekker nog bezig was met zijn studie HBO Bedrijfseconomie, maakte hij 2011 zijn debuut op Lakeside. ‘Double Dekker’ haalde meteen de halve finale op het belangrijkste toernooi bij de BDO.

Zijn debuut op Lakeside is dan ook het moment wat er voor Dekker bovenuit springt uit zijn BDO-tijd. ”Dat was prachtig. Ik ging als de brandweer. In mijn eerste partij won ik met 3-0 van Scott Mitchell. Na een paar leuke potjes verloor ik helaas in de halve finale.”

Kenmerkend voor Dekker in die periode was het jasje dat hij droeg tijdens zijn opkomst. Na zijn overstap naar de PDC is het jasje voorgoed in de kledingkast gebleven.

”Het jasje is verleden tijd, dat was toen leuk. In mijn BDO-periode had ik ook vaak Cognac schoenen onder mijn pantalon. Nu ben ik daar professioneler mee bezig. Het interesseerde mij toen weinig of ik goede schoenen aan had, ik vond het belangrijker dat het leuk stond. Nu kies ik voor nette zwarte sneakers, waarmee ik het veel beter een dag volhoud.”

Overstap

Na vijf deelnames aan Lakeside, besloot Dekker de overstap te maken van de BDO naar de PDC. De geboren Drent geeft aan dat dit geen moeilijke beslissing is geweest, maar dat alle mogelijkheden overwogen werden alvorens het besluit definitief werd genomen.

”Ik heb lang over die beslissing nagedacht. Het PDC-circuit kost een hoop geld, dus ik moest mezelf afvragen of ik dat wilde investeren. Maar sportief en financieel valt er zoveel meer te behalen bij de PDC, wat de keuze makkelijker maakte.”

”Na mijn tweede halve finale op Lakeside (2014, red.) had ik al interesse in de overstap, maar ik was door mijn resultaat op Lakeside al automatisch geplaatst voor de editie van 2015. Toen heb ik in 2015 besloten om de overstap te maken.”

‘Double Dekker’ slaagde er op de Q-School 2015 niet in om meteen een Tour Card te veroveren. Spijt van zijn keuze kreeg hij echter niet. Via een kleine omweg bemachtigde Dekker alsnog de felbegeerde toegang tot het Pro Tour-circuit.

”Het geluk was dat ik vrij hoog op de reservelijst stond, waardoor ik alle vloertoernooien heb kunnen spelen. Dat jaar heb ik ook het WK gehaald en sloot ik de Challenge Tour als nummer één af, waardoor ik alsnog mijn Tour Card verdiende.”

Dekker in actie op het WK in zijn debuutjaar bij de PDC.

Veranderingen binnen de PDC

De kans is groot dat de Nederlander ook dit jaar op het WK gaat acteren. De PDC maakte onlangs bekend dat het deelnemersveld wordt uitgebreid van 72 naar 96 spelers. Met name de Tour Card-houders gaan er op vooruit, tot tevredenheid van Dekker.

”De PDC wil de sport steeds meer globaliseren. Je moet niet elke Tour Card-houder op het wereldkampioenschap laten spelen. Maar dit is wel een uitbreiding die er moest komen. Eerder mochten er 48 Tour Card-houders meedoen en dat is wel heel weinig op basis van 128 spelers die gedurende het jaar het circuit afgaan.”

Waar de uitbreiding van het WK op de goedkeuring van Dekker kan rekenen, zijn er nog wel andere puntjes die volgens hem beter kunnen. Als Dekker wordt gevraagd naar wat hij wil veranderen als hij één dag voorzitter van de PDC mag zijn, wijst hij op de hogere kosten die Europese spelers moeten maken om toernooien te spelen.

”De spelers uit Nederland en België maken gedurende het jaar veel meer kosten, daarin mogen de verhoudingen wel wat eerlijker. De Britse spelers mogen bijvoorbeeld voorafgaand aan een Pro Tour-weekend hun Euro Tour-kwalificatietoernooien spelen.”

”Wij moeten onder meer naar Sindelfingen (Duitsland, red.) om ons te kwalificeren. Dan ben je drie dagen kwijt. Gedurende deze dagen had ik ook kunnen werken of iets met mijn gezin kunnen doen. Dan vraag ik mij af of de Europese Tour Card-houders niet op een andere manier een kwalificatietoernooi kunnen gooien. Britse spelers hebben al prijzengeld op zak voordat ze überhaupt het vliegtuig instappen op weg naar een Euro Tour-toernooi. Wij moeten eerst nog acht uur rijden en dan is het nog de vraag of we met één euro terugkomen.”

Terug naar het WK. Niet alleen kondigde de PDC een uitbreiding van het WK-deelnemersveld aan. De bond maakte ook bekend dat er twee plekken zijn ingeruimd voor vrouwelijke darters.

”Een prima ontwikkeling”, vindt Dekker. ”Aan de ene kant misschien wat vreemd, omdat ze altijd hebben gezegd geen onderscheid te maken tussen mannen en vrouwen. Er komt nu wel een kwalificatie voor vrouwen, dus in hoeverre wordt alles over één kam geschoren? Het is voor de dames echter wel een mooie kans. De PDC is op dit gebied heel open, iedereen die wil spelen mag meedoen.”

”Ik denk dat de BDO zich wel gaat proberen in te dekken door Lakeside-deelnemers te verbieden om aan het PDC WK mee te doen. Dat is jammer, want het komt de vrouwensport niet ten goede.”

Pieter Verbeek/PV-Darts

Foto: Pieter Verbeek/PV-Darts

Terugblik op afgelopen maanden

Na een uitstekend slot van het vorige seizoen, waarin Dekker zijn eerste major-kwartfinale haalde bij de PDC, kreeg ‘Double Dekker’ begin dit jaar met een kleine tegenslag te maken. Dekker, inmiddels woonachtig in Friesland, miste kwalifcatie voor de UK Open. Toch wil hij daar niet te zwaar aan tillen.

”De Players Championship Finals en het WK verliepen natuurlijk goed. Tegen Dimitri van den Bergh (in tweede ronde van het WK, red.) speelde ik niet onverdienstelijk. Ik gooide 97 gemiddeld, dat is voor zo’n lange wedstrijd voor mijn doen goed. Dat je dan niet weet te winnen, is wel zonde natuurlijk.”

”Tijdens de UK Open Qualifiers speelde ik helemaal niet slecht. Ik verlies tweemaal met 112 gemiddeld, daardoor plaatste ik mij niet. Dat is gewoon veel pech hebben. De overige toernooien zijn gemiddeld verlopen, niet bijzonder goed maar ook niet slecht.”

Toekomst

Dekker gaat uiteraard wel proberen om zich voor enkele andere televisietoernooien te plaatsen. Deelname aan het WK, European Championship en de Players Championship Finals liggen binnen handbereik. Eventuele plaatsing voor de World Matchplay of de World Grand Prix wordt een ander verhaal, beseft de tweevoudig halvefinalist op Lakeside.

”Vorig jaar heb ik mij drie keer geplaatst voor een Euro Tour-toernooi, nu al vijf keer. Het kwalificeren gaat dus goed, maar op de toernooien zelf kom ik niet goed uit de verf. Vorig jaar was dat dus andersom. Om je voor majors als de World Matchplay of World Grand Prix te plaatsen, moet je een aantal rondes winnen op de Euro Tour-toernooien.”

De Nederlander neemt voldoende tijd om zich te ontwikkelen op het dartscircuit. Dekker heeft zichzelf ten doel gesteld om binnen twee jaar een plek bij de mondiale top-32 te bemachtigen.

”Ik wil graag de stapjes maken die je nu ook bij Jermaine Wattimena ziet, dat zit er zeker ook in bij mij.  Je moet het stap voor stap bekijken. Ik heb mezelf ten doel gesteld om voor 2020 in de top-32 van de wereldranglijst te staan. Wanneer dat is gelukt, kan ik weer verder vooruitkijken.”

Lawrence Lustig/PDC

Foto: Lawrence Lustig/PDC

Tags: |

Schrijver: Pieter Verbeek