Gary Anderson is de laatste tijd minder vaak op het PDC-circuit te zien, maar van een naderend pensioen wil de tweevoudig wereldkampioen niets weten. De Schot heeft bewust een stap teruggedaan, heeft het druk met zijn gezin en andere bezigheden en erkent dat darts daardoor niet altijd meer op de eerste plaats komt.
In een uitgebreid interview met Online Darts sprak Anderson over zijn toekomst, zijn opvallende mediaboycot tijdens de World Matchplay, zijn beperkte trainingsuren, de financiële risico's voor profdarters en de behandeling van Luke Littler door het publiek.
Met Anderson zelf gaat het naar eigen zeggen uitstekend. "Ik leef nog en sta nog rechtop, dus alles is goed", grapt 'The Flying Scotsman'. "Ik heb de laatste tijd gewoon een stapje teruggedaan. Ik heb andere dingen te doen, maar zo is het leven nu eenmaal."
Dat betekent niet dat Anderson helemaal geen plezier meer beleeft aan het internationale circuit. Zo kijkt hij met veel genoegen terug op zijn bezoek aan Boedapest. "Fantastisch. Ik heb in heel veel goede zalen gespeeld. Het hotel was perfect en de oefenruimte was de beste die ik ooit bij een locatie heb gezien. Fantastisch, ik heb echt genoten van Boedapest."
Gary Anderson kwam onlangs tot de finale bij de Hungarian Darts Trophy
Druk gezinsleven kost Anderson toernooien
Toch sloeg Anderson dit seizoen flink wat evenementen over. Daardoor liep hij onder meer plaatsing voor het European Championship mis. De Schot steekt daarvoor nadrukkelijk de hand in eigen boezem.
"We zijn ontzettend druk met de kinderen. We zijn soms pas om negen of tien uur 's avonds thuis. Paardrijden, darts, voetbal met Ty, noem maar op. Het is behoorlijk hectisch", vertelt Anderson. "Ik denk dat ik het gewoon te laat heb laten aankomen. Mijn eigen fout, slechte berekeningen. Misschien volgend jaar."
Ook deelname aan de Players Championship Finals in Minehead is geen zekerheid. Anderson heeft nog resultaten nodig om zich daarvoor te plaatsen en lijkt zijn resterende toernooien zorgvuldig uit te kiezen.
"Ik heb dit jaar ontzettend veel toernooien gemist, maar dat ligt aan mij. Als iemand mij kan vertellen hoe ik op twee plaatsen tegelijk kan zijn, hoor ik het graag", zegt hij. "Als ik het niet haal, ligt dat aan mezelf. Daar zal ik niet over klagen."
Die houding past bij Anderson. Hij wees eerder ook een uitnodiging voor de World Series of Darts Finals af. De reden daarvoor was opvallend: de Schot vond simpelweg dat hij deelname niet had verdiend. Hetzelfde principe hanteerde hij eerder rond de Grand Slam of Darts.
"Ik blijf bij mijn principes. Voor de Grand Slam was het altijd zo dat je een finale moest halen. Als ik in twaalf maanden geen finale haal, dan is dat opnieuw mijn eigen schuld. Dan ga ik niet via de achterdeur proberen binnen te glippen via een qualifier. Dat doe ik gewoon niet, want dan verdien ik het niet. Met de World Series was het hetzelfde."
Mocht Anderson zich uiteindelijk niet plaatsen voor Minehead, dan heeft hij overigens al een alternatief voor een bezoek aan Bournemouth en omgeving. "Dan kom ik misschien wel vissen", grapt hij.
Anderson legt mediaboycot tijdens World Matchplay uit
Niet alleen op het dartscircuit zelf laat Anderson zich selectiever zien. Tijdens de World Matchplay besloot hij geen interviews te geven. Anderson blijkt zich te ergeren aan de manier waarop het medialandschap rond grote dartstoernooien de afgelopen jaren is veranderd. "Ja, ik moet een beetje oppassen met wat ik zeg. Al doe ik dat normaal gesproken ook niet", begint de Schot.
Zijn frustratie richt zich vooral op mensen die volgens hem zonder duidelijke achtergrond of band met de spelers bij toernooien verschijnen om interviews af te nemen. "Je hebt tegenwoordig jongens die komen opdagen van wie we geen idee hebben wie ze zijn. Dan zitten ze daar met een telefoon op een statief", zegt Anderson. "En sommige vragen die ze stellen... Een kind van één jaar zou betere vragen kunnen stellen."
Anderson maakt daarom bewust onderscheid tussen mediapartijen die hij kent en andere interviewverzoeken. "Zoals ik al zei: als je op een goede manier bij ons betrokken bent, dan praat ik met jullie. Is dat niet zo, dan is het: tot ziens, maat."
‘Ik kan briljant spelen of absolute rommel gooien’
Het WK Darts blijft ondertussen een belangrijk ijkpunt. Anderson beseft dat hij richting Alexandra Palace mogelijk weinig grote wedstrijden meer speelt. Zorgen maakt hij zich daar niet over.
"Ik ben nu op een punt dat ik kan komen opdagen en absoluut briljant kan spelen, maar ik kan ook komen opdagen en absolute rommel gooien. Zo is het tegenwoordig", vertelt hij. "Als ik kijk naar hoeveel tijd ik er momenteel in steek, doe ik het eigenlijk nog best goed. Je moet trainen, maar op dit moment heb ik daar gewoon de tijd niet voor."
Zijn enorme hoeveelheid ervaring helpt hem. Anderson speelt inmiddels al 32 jaar darts en kan naar eigen zeggen wekenlang geen pijl aanraken zonder zijn gevoel volledig kwijt te raken.
"Ik kan weken en weken geen dart gooien en dan ga ik even gooien. Binnen vijf minuten vliegen de 180'ers en 140'ers er alweer in. Dan spelen we 121 en vliegen we daar ook doorheen. Dan krijg ik te horen: 'Ik weet niet hoe je dat doet.' Ik weet het zelf ook niet. Misschien is het geluk of wat dan ook."
Toch merkt Anderson dat de leeftijd langzaam een rol begint te spelen. Vooral lange speeldagen met flinke onderbrekingen liggen hem steeds minder. "Ik heb het lastig met die European Tours waarop je drie wedstrijden op één dag speelt. Bij de World Cup vond ik dat ook moeilijk. We speelden vroeg en daarna hadden we ongeveer zes uur pauze. Ik weet dan niet wat ik met mezelf aan moet."
Teruggaan naar het hotel is volgens hem geen ideale oplossing. "Dan val je in slaap en word je wakker terwijl je je beroerd voelt. Maar in de zaal blijven zitten is ook lastig. Die pauze van vijf of zes uur breekt me iedere keer op. Op een Pro Tour is het anders, want daar blijf je voortdurend bezig."
Dit jaar vormde Gary Anderson een duo met Cameron Menzies bij de World Cup of Darts
Kan Anderson nog een major winnen?
De laatste grote televisietitel van Anderson dateert inmiddels van enige tijd geleden. De Schot reageert met zijn kenmerkende droge humor wanneer hem wordt gevraagd of er nog een majorzege in het vat zit. "Het is inderdaad lang geleden. Volgens mij is de televisie inmiddels in kleur sinds ik er voor het laatst eentje won."
Toch sluit hij een nieuwe grote titel niet uit. Daarvoor zou hij volgens eigen zeggen wel meer trainingsuren moeten maken. "Ik steek nog geen tiende van het werk erin dat die jongens tegenwoordig doen. Ik schraap mezelf er een beetje doorheen. Wanneer ik dan op kom dagen en goed speel, verbaas ik mezelf", zegt Anderson. "Maar als ik tijd zou krijgen en meer uren op het oefenbord zou kunnen maken, denk ik dat ik terug zou kunnen komen. Maar we weten het niet, hè?"
Anderson had in het verleden soms maar weinig nodig om extra gemotiveerd te raken. Een opmerking van een tegenstander kon voldoende zijn om het vuur aan te wakkeren. Tegenwoordig is dat anders. "Niemand maakt me tegenwoordig nog kwaad. Ze laten me gewoon met rust."
Hij heeft buiten de sport bovendien genoeg andere bezigheden. "Ik geniet nu van andere dingen. Ik ben druk met de kinderen en met de bedrijven. Het probleem is vooral dat je op twee plaatsen tegelijk probeert te zijn. Dat is tegenwoordig een beetje een nachtmerrie."
Weinig interesse in veranderingen bij PDC
Dat de PDC vanaf 2027 opnieuw verschillende veranderingen doorvoert, houdt Anderson nauwelijks bezig. Zo wordt het deelnemersveld van de Players Championship Finals uitgebreid van 64 naar 128 spelers, groeit het European Championship naar 48 deelnemers en komt er met de European Open in Oostenrijk een nieuw groot toernooi bij.
Anderson bleek nauwelijks op de hoogte. "Ik weet niet waar je het over hebt. Ik hoorde jullie er eerder over praten, maar ik kijk niet naar die troep. Ik weet niet wat er allemaal gebeurt."
De Schot hoort veranderingen naar eigen zeggen meestal pas wanneer hij bij een toernooi arriveert. "Ik kom gewoon bij een toernooi aan, krijg te horen wat er gebeurt en wat er veranderd is en dan zeg ik: prima."
Volgens Anderson heeft het weinig zin om zich uitgebreid in nieuwe formats en regels te verdiepen. "Mensen veranderen dingen voortdurend. Alles wordt steeds veranderd. Dus ik houd me er niet mee bezig. Zodra je aan het ene gewend bent, veranderen ze het weer. Ben je daaraan gewend, veranderen ze het opnieuw."
Wel ziet hij mogelijke praktische problemen wanneer grote deelnemersvelden naar bepaalde locaties moeten reizen. Over Salzburg, waar de nieuwe European Open wordt gehouden, merkt hij op: "Dat ligt niet bepaald om de hoek. En met 128 spelers heb je heel veel hotels en kamers nodig. Ik denk dat het voor spelers een nachtmerrie kan worden om daar te komen en een hotel te vinden."
Anderson springt in de bres voor Littler
Over Luke Littler heeft Anderson wél een uitgesproken mening. De 19-jarige wereldtopper kreeg de afgelopen periode tijdens verschillende evenementen met negatieve reacties vanuit het publiek te maken. Anderson begrijpt daar weinig van.
"Het enige wat ik kan zeggen, is dat hij tijdens toernooien behoorlijk veel ellende over zich heen krijgt. Het is walgelijk, het is slecht", stelt Anderson. "Mensen moeten beseffen dat deze jongen pas 19 is. Hij heeft een gave van God."
De Schot is bijzonder onder de indruk van wat Littler op zo'n jonge leeftijd laat zien. "Deze jongen is fenomenaal. Hij komt naar toernooien en wordt zo behandeld. Het kan zomaar vijftig jaar duren voordat ze opnieuw een jonge speler zien die kan darten zoals deze jongen."
Volgens Anderson zouden supporters juist moeten beseffen dat ze getuige zijn van een uitzonderlijk talent. "Dit is iets bijzonders om mee te maken. Iets waar je later je kinderen en kleinkinderen over kunt vertellen: hoe deze jonge jongen op het circuit kwam en iedereen kapot speelde. Want dat is wat hij doet."
Anderson denkt bovendien dat Littler zich financieel in een positie bevindt waarin hij niet volledig afhankelijk is van het professionele darts. "Luke is slim. Hij heeft veel andere dingen lopen. Als hij op een punt komt waarop hij zegt: 'Dat was het, ik ben klaar met darts', dan maakt dat voor hem niet zoveel verschil. Hij zal met zijn andere activiteiten nog altijd een goed inkomen hebben. Hij zal het darts geen seconde missen."
Gary Anderson nam het op voor de Engelse tiener
Daarom heeft Anderson een duidelijke boodschap voor de mensen die Littler voortdurend aanpakken. "De mensen die hem ellende geven, moeten daarmee stoppen. Deze jongen is bijzonder. En als er ooit een jongen komt die nog beter is dan hij, hoe goed moet die dan wel niet zijn? Want eerlijk: Littler is geweldig. Het is een genot om naar hem te kijken. Ik begrijp niet waarom hij zoveel over zich heen krijgt."
Dat Littler door sommigen als arrogant wordt gezien, vindt Anderson te gemakkelijk. "Sommigen zeggen dat hij arrogant is, maar volgens mij probeert hij gewoon iets terug te geven aan de mensen die hem op het podium lastigvallen."
Anderson weet zelf hoe het is om de confrontatie met een zaal aan te gaan. "Ik gaf het publiek vroeger ook terug als zij mij iets gaven. Dat hoorde erbij. Peter Manley was hetzelfde. Hij vond het geweldig en gaf het terug."
Wanneer Littler uiteindelijk besluit bepaalde evenementen niet meer te spelen, zijn volgens Anderson vooral de supporters daarvan de dupe. "De enige mensen die dan iets missen, zijn de fans, want zij zien hem niet meer op het podium. Dan speelt hij gewoon in Groot-Brittannië en klaar. Zij zijn degenen die iets mislopen, want die jongen is bijzonder."
Schotse talenten en financiële risico's
Anderson werd ook gevraagd naar de nieuwe generatie Schotse darters. Volgens hem heeft Schotland altijd voldoende talent gehad, maar was de stap naar een professionele carrière vroeger financieel bijzonder groot.
"De afgelopen dertig jaar zijn er altijd geweldige spelers in Schotland geweest", vertelt hij. "Toen ik begon, kostte het bijvoorbeeld vijftig pond om aan een toernooi mee te doen. Of honderd pond. Mensen konden niet geloven dat je honderd pond moest betalen om aan een toernooi mee te doen. Dat was destijds veel geld."
Wie enkele wedstrijden won, kon die investering wel snel terugverdienen. Het probleem was volgens Anderson vooral dat goede spelers niet altijd bereid waren alles op het spel te zetten voor een dartscarrière.
Ook tegenwoordig blijft geld volgens hem een belangrijk obstakel. Vooral voor spelers die nog niet structureel prijzengeld verdienen, kan het professionele circuit bijzonder kostbaar zijn. "Het is een beetje fiftyfifty. Het kost een fortuin", legt Anderson uit. "Je hebt bijvoorbeeld de Development Tour. Die jongens gaan naar Duitsland en wat ze daar kunnen winnen, dekt met een beetje geluk hun kosten. Dan ben je dat geld dus eigenlijk meteen kwijt."
Anderson ziet daarom wel iets in een systeem waarbij spelers ten minste een deel van hun kosten kunnen terugverdienen. "Ze zouden eigenlijk minimaal iets gegarandeerd moeten krijgen waarmee ze hun kosten kunnen dekken en misschien nog een paar pond overhouden. Mensen hebben rekeningen en hypotheken die betaald moeten worden."
Daar plaatst hij direct een kanttekening bij. Wie structureel niet goed genoeg presteert, moet volgens Anderson ook eerlijk naar zichzelf kijken. "Als je denkt dat je goed genoeg bent, hierheen komt en het vervolgens niet redt, wat zegt dat dan? Sorry, maat, misschien ben je gewoon niet goed genoeg om hier te spelen."
Zelf heeft Anderson naar eigen zeggen nooit geklaagd over het beschikbare prijzengeld. Wel weet hij hoe snel de kosten kunnen oplopen. "Ik heb wat geld betreft nooit geklaagd. Je weet dat het erbij hoort. Je hebt je vluchten, hotels en tegenwoordig natuurlijk de benzine. Het is moeilijk."
Een vergoeding voor spelers die in de eerste ronde van een Players Championship worden uitgeschakeld, zou volgens hem bijvoorbeeld kunnen helpen. Een bedrag van 250 pond kan al een hotelovernachting betalen.
Toch benadrukt Anderson opnieuw dat het professionele circuit geen eenvoudige manier is om geld te verdienen. "Als je dit circuit wilt spelen, heb je eigenlijk een sponsor achter je nodig. Als je iedere keer in de eerste ronde verliest, is het zwaar."
Tegelijkertijd kan die financiële druk volgens hem ook een confronterende maar noodzakelijke vraag oproepen. "Het kan ook een schop onder je kont zijn waardoor je jezelf afvraagt: ben ik eigenlijk wel goed genoeg om dit te doen? Moet ik hiermee doorgaan?"
Voor spelers die een professionele carrière nastreven, blijft het daardoor een moeilijke afweging. "Zelfs wanneer je een ronde wint, kun je misschien een deel van je kosten betalen, maar thuis moeten de rekeningen ook worden betaald. Geef je dan je baan op om er volledig voor te gaan?"
Anderson kent de risico's van die keuze als geen ander. Zijn conclusie is duidelijk: "Het is een groot risico. Mensen denken dat het makkelijk is, maar dat is het niet. Echt niet."
Pieter Verbeek is sinds 2017 hoofdredacteur van Dartsnieuws.com en verantwoordelijk voor de redactionele koers, dagelijkse contentplanning en verslaggeving van internationale dartstoernooien. Sinds 2024 vormt hij samen met Mats Leering de hoofdredactie van Dartsnieuws.com, waar zij gezamenlijk verantwoordelijk zijn voor de redactionele aansturing, publicatiestandaarden en verslaggeving van grote internationale dartsevenementen.
Zijn betrokkenheid bij de dartswereld begon in 2013, toen hij tijdens een opdracht voor de School voor Journalistiek verslag deed van een live-evenement op de European Tour in Veldhoven. Sindsdien volgt hij het professionele darts intensief en bouwde hij ervaring op met interviews, wedstrijdverslaggeving en liveblogs van grote PDC-toernooien.
Binnen Dartsnieuws.com richt hij zich op verslaggeving rond belangrijke evenementen zoals het PDC World Darts Championship, de Premier League Darts, de World Matchplay en andere internationale PDC-toernooien, waarbij realtime wedstrijdverslaggeving wordt gecombineerd met analyse van prestaties, ontwikkelingen op de tour en historische context.
Naast zijn journalistieke werk was hij tussen 2022 en 2025 media-manager van het professionele dartsteam TOTO Dart Kings, waar hij verantwoordelijk was voor mediacommunicatie en publiciteit rond het team.
Door zijn werk in de dartswereld was hij aanwezig bij meerdere internationale evenementen, waaronder Premier League-avonden in Ahoy Rotterdam, verschillende edities van het PDC World Darts Championship en de US Darts Masters in Madison Square Garden in New York.
Zijn verslaggeving is gebaseerd op officiële toernooi-informatie, interviews met spelers en betrokkenen uit de dartswereld en voortdurende monitoring van de professionele dartscircuits.