Luke Littler heeft zijn tweede wereldtitel op rij gepakt in Alexandra Palace. De 18-jarige Engelsman versloeg Gian van Veen in de finale van het WK Darts 2026 met 7-1 in sets en zette een wedstrijd neer die na de eerste set vrijwel
volledig zijn kant op kantelde. Met een gemiddelde van 106 drukte Littler de finale vroeg in een richting waar Van Veen niet meer uit kwam.
Direct na afloop was de opluchting zichtbaar, maar Littler bleef in zijn woorden dicht bij het moment. “Het voelt geweldig. Dit is waar dromen van gemaakt zijn,” zei hij
tijdens zijn persconferentie. De tweede wereldtitel had volgens hem een ander karakter dan de eerste, al maakte hij meteen duidelijk dat de eerste altijd de maatstaf blijft. “Niets verslaat ooit een eerste wereldtitel, in welke sport dan ook. Maar dit ging erom hem te behouden, hem 11, 12 maanden mee naar huis te nemen, en mijn naam toe te voegen aan de lijst van wereldkampioenen die back-to-back gingen. Het is een heel kort lijstje, maar ik sta erop.”
De finale begon met een setverlies voor Littler, iets wat hem dit WK vaker overkwam en waar hij zich zichtbaar aan stoorde. “Ik was niet blij dat ik weer met 1-0 achter kwam,” zei hij. Littler legde uit dat hij in dit soort wedstrijden vanaf het begin de toon wil zetten. “Ik wil gewoon snel starten. Ik wil niet dat mijn tegenstander 1-0 voor komt. Ik wil die marker zetten en de standaard neerleggen. Maar dat kon ik niet.”
Volgens Littler veranderde zijn spel na de openingsset. “Ik denk dat ik na die eerste set zeker beter heb gespeeld,” zei hij. “Na die eerste set was het gewoon magie.” Hij had in zijn hoofd vooral één opdracht: doorzetten en het moment afdwingen. “Ik moest mezelf oppakken en tegen de darts in in die voorsprong komen, en dat heb ik gedaan.”
Van Veen kreeg in de beginfase kansen om verder uit te lopen, maar liet die liggen. Littler wees daar na afloop nadrukkelijk op. “Hij miste een paar dubbels, hij had 2-0 voor kunnen komen. Dat had alles veranderd. Dan had ik 2-0 achter gestaan en was ik nóg gefrustreerder geweest.” In plaats daarvan sloeg Littler toe zodra de ruimte er was. “Ik wist dat hij een paar dubbels miste en een paar triples onder de triple. En ik moest erop springen.”
Opvallend was dat Littler na de wedstrijd nauwelijks bezig was met cijfers. “Na de wedstrijd heb ik eigenlijk geen stats gezien, geen 180’s, geen gemiddelden, geen checkoutpercentages,” zei hij. Zijn oordeel kwam uit het verloop van de partij. “Maar het voelde gewoon goed, als geheel.”
De uitslag was historisch eenzijdig voor een WK-finale. Daar ging Littler niet uitgebreid op in, behalve dat hij erkende dat hij na een moeizame start de wedstrijd naar zich toetrok. “Ik was niet blij dat ik 1-0 achter stond, maar ik moest verder en dat heb ik gedaan.”
Miljoen pond, maar prioriteit bij de titel
Met de wereldtitel is Littler ook de eerste winnaar van het WK met een hoofdprijs van één miljoen pond. De vraag kwam direct of het hem onstuitbaar maakt. Littler temperde dat zelf. “Op het podium ben ik soms niet te stoppen. Ik win wedstrijden, ik verlies wedstrijden. Het is darts, je wint niet altijd,” zei hij. Om vervolgens de essentie te herhalen: “Maar het WK is weer van mij.”
De volgorde van belang was voor hem helder. “Die miljoen, die is er, maar die komt na de trofee. De trofee is altijd eerst.” Hij koppelde het geld wél aan de impact op het circuit en zijn positie richting de wereldranglijst. “Het is levensveranderend. Maar deze overwinning vergroot die marge naar Luke Humphries. Ik sta nu duidelijk voor nummer één.”
Littler betrok na afloop nadrukkelijk zijn omgeving bij de prestatie. “Mijn vader en moeder, we hebben er alles ingestoken. Vooral familie, vrienden, sponsors, managers. Daarom sta ik hier nu,” zei hij. Hij merkte ook dat er spanning was in de aanloop naar de finale. “Er waren een paar nerveuze mensen vanochtend toen ik wakker werd en de hele dag door.”
Tijdens wedstrijden zoekt Littler zijn familie regelmatig met zijn blik. “Als je op het podium staat, kijk je altijd naar je familie. Ze geven je steun en houden je gaande,” zei hij. Hij haalde zelfs een moment uit het duel met Rob Cross aan, toen hij zag dat het in zijn vak even inzakte. “Ik keek om en alle hoofden hingen omlaag. Ik zei: hou je hoofd omhoog, want als ik omkijk en jouw hoofd hangt, helpt dat mij niet.”
Blik op 2026: “Ik ga op jacht”
Met twee wereldtitels op achttienjarige leeftijd is de volgende vraag automatisch wat er nog ontbreekt. Littler noemde meteen concrete doelen. “Je moet focussen op wat er nu komt. Bahrain, dan naar Saudi-Arabië, en daarna de Masters in Milton Keynes, die heb ik nog niet,” zei hij. “De majors later in het jaar, daar ga ik op jacht.”
Ook op de vraag naar dominantie bleef hij praktisch. “Je kunt niet verslappen. Je moet er altijd bovenop zitten,” zei Littler. “Elke speler kan terugkomen.” Hij zag momenten waarin Van Veen even vrijheid kreeg in zijn worp en wilde dat direct afkappen. “Ik zei tegen mezelf: laat hem niet met vrijheid gooien en terug in de wedstrijd komen. Dus moest ik hem nog meer straffen.”
Natuurlijk kwamen de recordvragen voorbij, met Phil Taylor als vaste lat. Littler wilde die discussie niet groter maken dan nodig. “Het is nog zo ver weg,” zei hij. “Als het gebeurt, gebeurt het. Maar ik zal er nog heel lang zijn. Ik ben hier om te winnen.” Hij gaf daarbij aan dat hij niet alleen naar wereldtitels kijkt, maar ook naar het totaalplaatje aan majors. “De majors die ik nog niet heb, die wil ik dit jaar,” zei hij. “Als ik er vijf, zes haal, ben ik blij.”
Littler sloot de avond af in dezelfde lijn als waarmee hij begon: tevreden over de titel, al kritisch op het begin van zijn finale. Het resultaat liet weinig ruimte voor discussie. De tweede wereldtitel is binnen, en hij richt zich direct op de prijzen die nog ontbreken. “We gaan door,” was de boodschap, in zijn eigen woorden: “We blijven titels toevoegen.”