"Ik denk dat ze nog steeds een beetje bang voor me zijn" - Gary Anderson laat zich niet imponeren door nieuwe generatie

PDC
2026WGPR1_Anderson01
Gary Anderson heeft zijn eerste horde op de World Grand Prix met succes genomen. De ervaren Schot versloeg Damon Heta in Leicester met 2-1 in sets en plaatste zich daarmee voor de tweede ronde. Na afloop was Anderson, zoals zo vaak, opvallend nuchter over zijn eigen optreden. Hij sprak bovendien uitgebreid over Luke Littler, zijn gebrek aan trainingsuren en de nieuwe generatie die aan de deur klopt.
Anderson en Heta maakten er een wedstrijd van met twee gezichten. De Schot had aanvankelijk moeite om zijn beste niveau te vinden, maar kwam gaandeweg beter in de partij. Dat patroon herkende hij van een demonstratietoernooi dat hij kort daarvoor had gespeeld.
"Op het einde was het wel oké", blikte Anderson bij Online Darts terug. "Je was er laatst nog bij om me te bespioneren. Ik begon toen heel slecht tijdens die demonstratie, maar tegen het einde begon het te lopen. Volgens mij stond ik tegen Jeff Smith na vier of vijf legs op een gemiddelde van 115."
Ook tegen Heta had de tweevoudig wereldkampioen tijd nodig om op gang te komen. "Aan het begin was het slecht, toch? Het was niet geweldig. Ik was gewoon blij dat ik erdoorheen kwam. Dit is een moeilijk spelletje en het format is ook heel kort. Echt heel kort."

Cruciale 115-finish helpt Anderson

Een belangrijk moment in de wedstrijd was een 115-finish van Anderson. Zelf moest hij lachen om de suggestie dat die finish vooral bij Heta hard zou zijn aangekomen.
"Hij deed vooral míj pijn toen ik eraan begon", grapte Anderson. "Ik dacht: oké, we moeten door. Maar ik had die finish nodig en hij ging erin. Kijk naar de dartgoden of hoe je het ook wilt noemen. Ik ging ervoor en hij vloog erin."
Anderson vond vooral dat het openen van de legs – vanwege het dubbel-in-format van de World Grand Prix – redelijk verliep. Hij was echter minder tevreden over de afsluitende dubbels. Nadat hij de stand in sets op 1-1 had gebracht, voelde hij echter dat de wedstrijd zijn kant op kon vallen.
"Ik had even een praatje met de tafel naast me en daarna mocht ik de laatste set beginnen. Volgens mij ging mijn eerste pijl op tops er meteen in. Dat stelt je direct gerust. Dan ligt de druk bij hem. Uiteindelijk werkte het in mijn voordeel." Het leverde bovendien een luchtig moment op met de mensen aan de tafel. "Ze bleven het proberen. Ze zeiden dat ze morgenochtend koffie voor me zouden kopen. Ik hoop dat ze dat ook doen."
Gary Anderson kijkt bedenkelijk.
Gary Anderson overleefde één matchdart van Damon Heta, waarna hij de wedstrijd alsnog omdraaide en wist te winnen.

"Ik train niet en ik oefen niet"

Anderson maakt er al jaren geen geheim van dat hij thuis nauwelijks nog uren achter het dartbord doorbrengt. Daar kwam ook na zijn zege op Heta geen verandering in.
"Ik geniet gewoon van het spelen. Ik verwacht niet veel wanneer ik darts speel, echt niet. Maar als ik er lekker in zit, kan ik nog steeds die hoge gemiddeldes gooien. Ik weet alleen nooit hoe het gaat lopen. Dat maakt het ook een beetje spannend: wat gaat er vanavond gebeuren? Ik geniet nog altijd van het spelen en ik denk dat ik dat altijd zal blijven doen."
In een aansluitend gesprek met Franse documentairemakers ging Anderson nog verder in op zijn opvallende voorbereiding. "Als je mij een beetje kent, weet je dat ik niet train. Ik train niet, ik oefen niet. Ik doe dit al 32 jaar. Tegenwoordig breng ik meer tijd door met mijn familie en kinderen en staat darts wat meer op een lager pitje. Ik speel niet veel meer."
Dat betekent volgens Anderson niet dat jonge spelers zijn voorbeeld moeten volgen. Zijn huidige aanpak is juist het gevolg van tientallen jaren ervaring. In zijn beginjaren zag zijn leven er totaal anders uit. "Toen ik jong was, speelde ik zeven dagen per week darts. Constant toernooien. In Schotland hadden we bars en pubs waar we zeven avonden per week speelden. Daar kwam al die training vandaan. Maar ik speel nu al 32 jaar, dus ik ben er inmiddels wel aan gewend."

Grote bewondering voor Littler

Anderson heeft in zijn lange carrière vrijwel alle dominante spelers van verschillende generaties meegemaakt. Phil Taylor, Michael van Gerwen, Luke Humphries en tegenwoordig Luke Littler: de Schot stond tegenover hen allemaal.
"Ik heb altijd gezegd dat ik me vereerd voel. Ik heb tegen de grootheden gespeeld. Tegen Taylor, Van Gerwen en Luke Humphries, die een geweldige periode had voordat de jonge Littler het overnam. En nu heb je Luke. Ik heb het genoegen gehad om tegen ze te spelen."
Voor Littler heeft Anderson veel bewondering. "Ik denk niet dat ik Littler al verslagen heb. Ik ben er dichtbij geweest, maar ik heb hem nog niet te pakken gehad. De andere jongens wel."
De impact die Littler buiten het dartbord heeft, vindt Anderson minstens zo indrukwekkend. "Hij is fenomenaal. Het is een jonge jongen die is komen opdagen en de dartssport volledig uit elkaar heeft getrokken. Hij heeft al die jonge kinderen naar het darts gebracht."
Volgens Anderson profiteert de hele industrie daarvan. "Alle fabrikanten en verkopers van dartborden zouden hem ook moeten bedanken. Zonder hem waren we misschien weer terug geweest waar we vijf jaar geleden waren."
Op de vraag wie van alle grote kampioenen de moeilijkste tegenstander was, hoefde Anderson niet lang na te denken. "Ik zeg nog altijd Taylor. Michael leek, toen hij op zijn best was, heel erg op Luke Littler. Een jonge Michael en een jonge Luke: dat zouden geweldige wedstrijden zijn geweest. Maar ik kies Taylor om het feit dat hij het zo lang heeft volgehouden. Hij speelde al toen de televisie nog zwart-wit was", grapte de Schot.

"Zijn ze bang voor mij?"

Ondanks de opkomst van steeds meer jonge talenten voelt Anderson zich zeker niet bedreigd. Toen hem werd gevraagd of hij bang is voor de nieuwe generatie, draaide hij de vraag direct om.
"Nee. Zijn zij bang voor mij? Ik denk dat ze nog steeds een beetje bang voor me zijn. Ik word dit jaar rond het WK 56, maar ik kan nog steeds darten. Zij zijn misschien jong, maar ik ben oud en ik heb het koppie ervoor."
Tegelijkertijd waarschuwt Anderson jonge spelers dat een profcarrière niet vanzelf komt. "Jonge spelers denken tegenwoordig dat ze rechtstreeks van school professioneel darter kunnen worden. Zo makkelijk is het niet. Als je jong bent, moet je oefenen. Trainen, trainen, trainen, trainen. Zorg dat je mentaal goed zit en blijf trainen. Als je ouder wordt, kun je wat gas terugnemen." Zijn belangrijkste advies is uiteindelijk echter een stuk eenvoudiger: "Geniet ervan. Heb plezier. Daar draait het allemaal om."
Claps 0bezoekers 0
loading

Net Binnen

Meest Gelezen

Laatste Reacties

Loading