William O'Connor is al ruim vijftien jaar actief op het PDC-circuit. De 40-jarige Ier uit Limerick behoort daarmee tot de meest ervaren spelers van de huidige generatie, maar toch blijft zijn naam enigszins onder de radar. O'Connor heeft zich door de jaren heen ontwikkeld tot een vaste waarde op de ProTour, al had zijn carrière er volgens hemzelf heel anders uit kunnen zien als hij eerder volledig voor darts had gekozen. Maar O'Connor denkt dat het beste nog moet komen.
De inmiddels 40-jarige Ier kijkt met trots terug op zijn loopbaan, maar is tegelijkertijd opvallend eerlijk over de keuzes die hij in het verleden heeft gemaakt. Zijn gezin stond altijd op de eerste plaats en darts was lange tijd vooral iets wat hij erbij deed. "Ik heb het nooit echt alles gegeven wat ik in me had. Mijn gezin kwam altijd op de eerste plaats. Darts was lange tijd iets wat ik ernaast deed om wat extra geld te verdienen", vertelt O'Connor tegenover Bang On Target.
Dat verklaart volgens de Ier ook waarom hij nooit structureel de uren heeft kunnen maken die nodig zijn om de absolute top te bereiken. O'Connor speelt vrijwel ieder toernooi en is daardoor veel van huis. Wanneer hij wel thuis is, wacht zijn gezin en zijn er de nodige klussen die moeten worden uitgevoerd. "Ik ben door al dat reizen minder vaak thuis dan ik zou willen. Als ik thuis ben, wil ik er voor mijn gezin zijn. Daarnaast moet het gras worden gemaaid en moeten er allerlei dingen worden gerepareerd. Ik krijg daardoor nauwelijks de kans om te trainen."
Juist tijd is volgens O'Connor de belangrijkste sleutel om nog een volgende stap te zetten. Hij zou daarom graag in de toekomst de financiële ruimte hebben om af en toe een ProTour-evenement over te slaan en die tijd te gebruiken om te trainen. "Het liefst zou ik in een positie zitten waarin ik een paar ProTour-evenementen kan overslaan en echt tijd kan maken om te oefenen. Tijd is het sleutelwoord dat ik nodig heb om naar het volgende niveau te gaan."
Gezin altijd op één
De keuze om zijn gezin op de eerste plaats te zetten, is voor O'Connor geen beslissing waar hij spijt van heeft. Hij is al sinds zijn tienerjaren samen met zijn vrouw Bernadette. Samen hebben zij twee kinderen, Nicole en Liam.
Ook zoon Liam lijkt inmiddels besmet met het dartsvirus. Hij fungeert regelmatig als oefenpartner van zijn vader en blijkt daarbij bepaald niet onder de indruk van de ervaring van de routinier. "Hij is mijn oefenpartner en hij verslaat me meestal", vertelt O'Connor met een glimlach. "Hij is eigenlijk heel goed."
Onlangs nam O'Connor zijn zoon mee naar jeugdtoernooien in Limerick. Hij wil Liam graag laten kennismaken met de sport, maar tegelijkertijd voorkomen dat zijn zoon op jonge leeftijd al voortdurend door Europa moet reizen. "Ik wilde hem er kennis mee laten maken, maar ik wil nog niet dat hij overal naartoe moet reizen."
Eén PDC-titel in vijftien jaar
Hoewel O'Connor al zo lang actief is op het hoogste niveau, staat er opvallend genoeg slechts één PDC ProTour-titel op zijn palmares. Voor een speler die jarenlang tot de vaste gezichten van het circuit behoort en meerdere keren ver is gekomen op grote toernooien, is dat een opvallend aantal.
Ook O'Connor begrijpt dat dit verrassend kan zijn. "Als je kijkt naar hoe lang ik al meedraai, is het misschien inderdaad verrassend", geeft hij toe.
Toch vindt de Ier dat een carrière niet alleen moet worden beoordeeld aan de hand van het aantal gewonnen titels. Hij heeft jarenlang tegen de beste spelers ter wereld gespeeld, vertegenwoordigde Ierland op internationale podia en wist zich telkens opnieuw te handhaven in een steeds sterker wordend PDC-veld.
Een belangrijke reden dat hij nog altijd actief is, is bovendien de steun van Robert Mulcahy. De eigenaar van een lokale pub heeft O'Connor financieel ondersteund en geholpen om zijn carrière voort te zetten. "Zonder Robert Mulcahy zou ik waarschijnlijk niet meer spelen. Hij heeft mij financieel gesteund en ontzettend veel voor mij gedaan. Zonder hem zou ik waarschijnlijk niet doen wat ik nu doe."
William O'Connor is de huidige nummer 37 van de wereld
Nieuwe start bij Shot Darts
2026 bracht bovendien een belangrijke verandering in de carrière van O'Connor. Na jarenlang verbonden te zijn geweest aan Winmau maakte hij de overstap naar het Nieuw-Zeelandse Shot Darts. Volgens de Ier was het contract met Winmau simpelweg afgelopen en was het tijd voor iets nieuws. "Ons contract was afgelopen en ik wilde iets nieuws. Bij Winmau zijn er ontzettend veel grote spelers. Ik heb het gevoel dat Shot meer aandacht op mij kan richten."
Die overstap bevalt hem uitstekend. "Ik ben ontzettend tevreden. Ze doen er alles aan om mij beter te maken. Ik heb niets te klagen. Ze houden voortdurend contact en gaan echt boven en voorbij wat je van ze zou verwachten."
De overstap kwam bovendien op een moment waarop O'Connor een lastig jaar kende. Hij had hoge verwachtingen van het seizoen, maar kampte met materiaalproblemen. Volgens hem had dat grote gevolgen voor zijn vertrouwen. "Ik dacht dat dit mijn grootste jaar zou worden en dat ik geplaatst zou zijn voor grote toernooien. Maar ik had veel problemen met mijn materiaal. Aan het begin van het seizoen heb ik veel tijd gestoken in het verkeerde materiaal en dat heeft mijn vertrouwen kapotgemaakt."
Inmiddels denkt O'Connor dat hij die problemen achter zich heeft gelaten. "Ik doe er alles aan en leer nog steeds. Ik heb nog ontzettend veel in de tank. Shot is de volgende stap. Ik kom dichtbij, maar ik ben er nog niet."
Trots op Ierland
Naast zijn carrière op de ProTour blijft het vertegenwoordigen van Ierland een van de belangrijkste aspecten van O'Connors loopbaan. Dat bleek onder meer tijdens de
World Cup of Darts, waar hij samen met Mickey Mansell voor Ierland uitkwam.
In 2019 stond O'Connor al eens in de finale van het landentoernooi. Samen met Steve Lennon verloor hij toen van Schotland, maar de herinnering aan het spelen voor zijn land is hem altijd bijgebleven. "Het is iets waar ik ontzettend trots op ben", zegt O'Connor.
De Ier vindt bovendien dat spelers uit heel Ierland de mogelijkheid moeten hebben om voor het land uit te komen. Dat was ook zijn boodschap toen hij met Mickey Mansell speelde. "Mickey wilde al jaren zijn vlag op DartConnect veranderen. Hij is inmiddels 52 en vertelde me dat hij voor het einde van zijn carrière voor de Republiek Ierland wilde spelen. Ik was dan ook ontzettend trots om met hem te spelen. Mensen moeten accepteren dat het om Ierland gaat. Als mensen uit het noorden voor Ierland willen spelen, moeten ze dat kunnen."
O'Connor kritisch op darts in Ierland
Tegelijkertijd maakt O'Connor zich zorgen over de ontwikkeling van darts in zijn thuisland. Ierland verloor de organisatie van de World Grand Prix en beschikt momenteel ook niet over een European Tour-evenement.
De ervaren Ier zou graag opnieuw een groot PDC-toernooi op Ierse bodem zien. "We zijn de World Grand Prix kwijtgeraakt en hebben geen European Tour meer. Ik zou graag weer een groot toernooi in Ierland zien. Het probleem is alleen dat we de locaties niet meer hebben."
Ook over het huidige kwalificatiesysteem voor de European Tour heeft O'Connor zijn bedenkingen. Hij begrijpt dat de PDC de grootste namen wil beschermen, maar vindt tegelijkertijd dat spelers buiten de absolute wereldtop meer mogelijkheden moeten krijgen. "Ik begrijp waarom de PDC de hoger geplaatste spelers wil beschermen. Het is hun merk en grote namen zorgen voor grotere kijkcijfers. Maar de European Tour kan je seizoen maken of breken. Ik denk dat de PDC meer kan doen om spelers een voet aan de grond te laten krijgen."
Geen angst voor grote namen
Ondanks zijn bescheiden positie op de wereldranglijst heeft O'Connor nooit de neiging gehad om tegenstanders groter te maken dan ze zijn. Of hij nu tegenover Luke Littler, Luke Humphries, Michael van Gerwen of een debutant staat, zijn aanpak blijft hetzelfde. "Het maakt niet uit tegen wie ik speel. Er is niet zoveel verschil tussen spelers. Vroeg of laat moet je de besten toch verslaan."
Zijn belangrijkste uitgangspunt is simpel: eerst zorgen dat hij zelf zijn beste niveau haalt. "Ik kan me alleen richten op wat ik zelf doe. Als ik mijn beste spel speel en vervolgens verlies, dan ben ik tevreden."
Die nuchtere houding past perfect bij de carrière van O'Connor. Hij heeft nooit de luidste stem gehad, nooit om privileges gevraagd en nooit gedaan alsof de dartswereld hem iets verschuldigd is.
Na ruim vijftien jaar op de ProTour is hij er nog altijd. Met één titel achter zijn naam, maar met een enorme hoeveelheid ervaring, respect en liefde voor de sport. En misschien is het belangrijkste wel dat O'Connor ervan overtuigd is dat zijn beste darts nog niet gespeeld zijn. "Ik heb nog ontzettend veel in de tank. Ik ben dichtbij, maar ik ben er nog niet."
Voor een speler die op zijn veertigste nog altijd bereid is om nieuwe stappen te zetten, kan dat zomaar een veelbelovende boodschap zijn voor de komende jaren.