In de moderne dartswereld gaat het al lang niet meer alleen over triples en dubbels. De sport groeit, professionaliseert en bereikt een steeds groter publiek. Maar met die groei komt ook een keerzijde. Tijdens een openhartig gesprek sprak voormalig profdarter Matthew Edgar zich uit over de huidige staat van dartsmedia — en dat deed hij zonder blad voor de mond.
Edgar, tegenwoordig actief als coach, analist en contentmaker, ziet van dichtbij hoe darts evolueert. En niet alles aan die ontwikkeling stemt hem positief.
Drukke tijden: coaching in de lift
“Het begin van dit jaar is echt bizar geweest,” legt hij uit. “Coaching is door het dak gegaan.” Waar begeleiding vroeger vooral iets was voor beginners, ziet Edgar nu een duidelijke verschuiving. Steeds meer spelers, van amateurs tot professionals, investeren actief in hun ontwikkeling.
Die trend zegt veel over de huidige staat van darts. Het niveau ligt hoger dan ooit, en kleine dingen maken steeds vaker het verschil. Edgar merkt dat hij daardoor keuzes moet maken: minder zichtbaar als analist, maar des te actiever achter de schermen als coach. Zijn agenda zit maanden vooruit volgeboekt.
Toch duurt het niet lang voordat het gesprek een serieuzere toon krijgt. Aanleiding is een recente mediastorm rond een opmerking van contentmaker Charlie Murphy. Die stelde dat Luke Humphries volgens hem niet de huidige nummer twee van de wereld is — een mening die online volledig escaleerde.
Edgar volgde het hele gebeuren op de voet. Niet om zich te mengen in de discussie, maar om ervan te leren. “Wat mij stoorde, was hoe persoonlijk het werd,” zegt hij. “Het ging niet meer over de inhoud, maar over de persoon.” Volgens Edgar is het volledig legitiem om een afwijkende mening te hebben. In een sport waar prestaties continu worden vergeleken, hoort discussie er nu eenmaal bij.
Hij wijst erop dat er best argumenten te maken zijn voor alternatieve rangschikkingen. Namen als Gerwyn Price en Gian van Veen worden regelmatig genoemd in dat soort debatten. “Maar onderbouw je mening,” benadrukt Edgar. “Dáár begint een gezonde discussie.”
Clickbait en verdraaide verhalen
Het incident staat volgens Edgar niet op zichzelf. Integendeel: het is symptomatisch voor een bredere trend binnen de dartsmedia. “Clickbait is op dit moment echt een probleem,” stelt hij scherp. “Titels worden zo geschreven dat ze maximale reactie uitlokken, niet dat ze de waarheid weerspiegelen.”
Volgens Edgar worden uitspraken steeds vaker uit hun context gehaald. Een genuanceerde opmerking wordt ingekort, herschreven of zelfs verdraaid om beter te ‘verkopen’. Het resultaat: een vertekend beeld dat zich razendsnel verspreidt op sociale media.
Hij spreekt uit ervaring. Ook zijn eigen woorden worden regelmatig anders gepresenteerd dan hij ze bedoelde. “Dan lees ik iets terug en denk ik: dat is niet wat ik heb gezegd.”
Zijn oproep aan fans is dan ook helder: vertrouw niet blind op koppen. “Ga terug naar de bron. Bekijk de video zelf. Vorm je eigen mening.”
Matthew Edgar is voormalig profdarter en tegenwoordig aan de slag als commentator en analist
De aantrekkingskracht van negativiteit
Waarom gebeurt dit zo vaak? Volgens Edgar is het antwoord simpel — en enigszins cynisch. “Negativiteit verkoopt beter dan positiviteit.”
Het is een mechanisme dat in vrijwel elke sport en entertainmentvorm zichtbaar is. Controverse genereert clicks, reacties en betrokkenheid. En in een tijdperk waarin content gelijkstaat aan inkomsten, is de verleiding groot om daarop in te spelen. Edgar begrijpt die dynamiek, maar waarschuwt voor de gevolgen. “Als je alleen nog maar inzet op negativiteit, verlies je uiteindelijk het echte verhaal van de sport.”
Hij benadrukt dat hij juist fan is van verdieping en achtergrond. Als liefhebber van storytelling — iets wat hij ook buiten darts volgt — ziet hij de meerwaarde van analyses, theorieën en discussies. Maar dan wel op basis van feiten.
De rol van social media en groei van de sport
Is deze ontwikkeling simpelweg de prijs van succes? Darts is immers populairder dan ooit, mede dankzij sterren als Luke Littler, die een nieuwe generatie fans aanspreekt. Edgar nuanceert dat beeld. Volgens hem ligt de oorzaak minder bij de sport zelf en meer bij de manier waarop media tegenwoordig functioneren. “Het is een bijproduct van social media en monetisatie,” legt hij uit.
Edgar stoort zich niet alleen aan clickbait, maar ook aan wat hij ziet als journalistieke luiheid. Een concreet voorbeeld: het gebruik van de term 'voormalig wereldkampioen'.
Het klinkt onschuldig, maar voor Edgar is het een gemiste kans. “Waarom geef je iemand niet de erkenning die hij verdient?” vraagt hij zich af.
In plaats van 'voormalig' pleit hij voor specificiteit: benoem het jaar of het aantal titels. Dat geeft context en helpt nieuwe fans om prestaties beter te begrijpen. “Als je zegt: wereldkampioen van 2024, dan weet iedereen meteen hoe recent dat is,” legt hij uit. “Dat kost letterlijk vijf seconden extra werk.”
Ondanks zijn kritiek blijft Edgar optimistisch over de toekomst van darts. De sport groeit, het niveau stijgt en de interesse neemt toe. Maar juist daarom vindt hij het belangrijk dat de manier waarop erover wordt bericht, meegroeit. Zijn boodschap aan media en contentmakers is duidelijk: vertel verhalen, maar blijf eerlijk. Gebruik de kracht van storytelling, maar verlies de feiten niet uit het oog.
Voor fans heeft hij een even belangrijke oproep: wees kritisch. In een tijd waarin informatie overal en altijd beschikbaar is, ligt de verantwoordelijkheid niet alleen bij de makers, maar ook bij het publiek. “Luister niet alleen naar wat iemand zegt dat er is gezegd,” besluit Edgar. “Ga zelf kijken. Dán pas weet je wat er echt speelt.”