De eerste maanden op de
PDC ProTour zijn voor veel nieuwkomers een harde leerschool. Voor Adam Leek voelt het vooral als een wervelwind. Een droom die plots werkelijkheid werd, maar waarin hij opvallend snel zijn plek begint te vinden. "Het is een beetje surrealistisch", zegt de Australiër nuchter. "Maar ik geniet er echt van. Ik begin langzaam mijn draai te vinden en gewoon plezier te hebben."
Q-School als bevestiging: "Ik wist dat ik goed genoeg was"
De basis voor Leeks entree op het hoogste niveau werd gelegd tijdens PDC Q-School. Daar veroverde hij bij zijn eerste poging meteen een felbegeerde tourkaart. "Het bevestigde eigenlijk wat ik al dacht",
legt hij uit. "Ik kwam hierheen omdat ik geloofde dat ik goed genoeg was. Alleen wist ik niet of het dit jaar al zou gebeuren of misschien pas volgend jaar."
Die twijfel maakte plaats voor overtuiging, mede door een groeiend vertrouwen in zijn eigen mentale weerbaarheid. "Ik denk dat mijn zwakke punt – het mentale aspect – nu echt verbeterd is. Onder druk blijf ik rustig. Dat is in het afgelopen jaar compleet veranderd." Waar hij vroeger nog kon bezwijken onder spanning, lijkt Leek nu juist te floreren in beslissende momenten. "Ik geniet gewoon meer van het spel en leg mezelf minder druk op."
Zijn eerste stappen op Q-School waren ook een confrontatie met de realiteit van het profcircuit: zalen vol ervaren spelers, voormalige wereldkampioenen en gevestigde namen. "Je loopt die zaal binnen en ziet al die spelers… dan denk je wel even: wauw", zegt hij. "Maar het voelde vooral cool. Ik had er gewoon zin in."
Van echte nervositeit was geen sprake. "Ik was niet overdonderd. Ik dacht vooral: dit wordt leuk. Je krijgt de kans om tegen de besten ter wereld te spelen."
De mentale omslag: "Ik speelde mezelf vroeger uit wedstrijden"
De stap naar de PDC kwam niet uit het niets. Leek reisde de afgelopen jaren al regelmatig naar internationale toernooien, maar zag zichzelf toen nog te vaak tekortschieten. "Ik had toen al de kwaliteiten die ik nu heb", zegt hij. “Maar ik speelde mezelf uit wedstrijden. Ik zat te veel in mijn hoofd."
Die mentale blokkade is inmiddels verdwenen. "Nu ben ik totaal anders. Ik speel gewoon, heb plezier en leg mezelf geen druk op. Zo hoort darts gespeeld te worden." Het is een simpele filosofie, maar eentje die op topniveau vaak het verschil maakt. "Of ik win of verlies, maakt me minder uit. Als ik maar weet dat ik alles heb gegeven. Dan volgen de resultaten vanzelf."
De overgang naar een fulltime bestaan op de tour bracht niet alleen sportieve uitdagingen met zich mee. Ook buiten de oche moest Leek snel schakelen. Na Q-School keerde hij kort terug naar Australië om zijn leven letterlijk in te pakken. "Ik moest alles regelen: spullen inpakken, afscheid nemen, mijn visum in orde maken. Het was chaos", vertelt hij. "Toen ik thuis kwam, was er ineens media-aandacht. Dat was echt bizar."
Door die logistieke druk miste hij zelfs enkele vroege toernooien. "Ik kon de Masters niet spelen, dat kreeg ik gewoon niet op tijd rond." Daarnaast kwamen er nieuwe verantwoordelijkheden bij, zoals sponsordeals en zakelijke verplichtingen. "Dat moest ik allemaal ineens uitzoeken. Het was echt gekkenwerk."
Alleen in Engeland: "Het is niet altijd makkelijk"
Eenmaal aangekomen in het Verenigd Koninkrijk wachtte een nieuw hoofdstuk – en dat bracht ook eenzaamheid met zich mee. "Ik ben hier eigenlijk alleen", zegt Leek eerlijk. "Dat is niet altijd makkelijk." Toch probeert hij ook daar dezelfde nuchtere instelling te behouden die hem op het podium helpt. "Qua darts voelt het eigenlijk hetzelfde als in Australië. Het blijft gewoon een spel dat ik leuk vind."
Hij ziet bovendien positieve ontwikkelingen in zijn thuisland. "De Australian Darts Association doet geweldig werk. De sport groeit daar echt. Ik denk dat we de komende vijf tot tien jaar meer Australiërs op de tour gaan zien."
Ondanks zijn relatief geïsoleerde leven buiten de wedstrijden, staat Leek er binnen het circuit niet alleen voor. Hij wordt omringd door gevestigde namen en krijgt steun van collega's. Zo kreeg hij advies van landgenoot Damon Heta, die hem direct benaderde. "Hij zei: als je vragen hebt, laat het weten. Dat helpt enorm."
Ook aan de speeltafel zit hij ineens tussen de elite van de sport. "Ik zit daar met spelers als Chris Dobey, Joe Cullen, Jonny Clayton, Ryan Joyce en Nathan Aspinall. Dan denk je wel even: wat doe ik hier eigenlijk?" Toch voelt hij zich welkom. "Het zijn allemaal goede gasten. Ze geven advies en helpen je. Dat maakt het een stuk makkelijker."
World Cup lonkt: "Dat is altijd een droom geweest"
Een van de absolute hoogtepunten die eraan komen, is deelname aan de PDC
World Cup of Darts. Daar zal Leek uitkomen voor Australië – een moment waar hij al jaren van droomt. "Ik denk niet dat het al helemaal is ingedaald", geeft hij toe. "Maar voor Australië spelen… dat is iets wat ik altijd heb gewild."
De symboliek wordt nog groter doordat hij in de voetsporen treedt van een icoon:
Simon Whitlock. "Hij is een legende. Er zullen altijd mensen zijn die vinden dat hij er nog bij had moeten zijn. Maar dit is mijn kans, en die pak ik met beide handen aan." Zijn respect voor Whitlock is groot. "Hij is een geweldige kerel. Ik heb hem ontmoet en gesproken – dat maakt het extra bijzonder."
Whitlock was jarenlang een vaste waarde voor Australië op de World Cup of Darts en heeft tot en met de editie van 2025 aan alle 15 edities deelgenomen.
Sportief gezien laat Leek in zijn eerste maanden zien dat hij niet misstaat op dit niveau. Hoewel hij nog niet structureel ver komt op toernooien, groeit zijn vertrouwen. "In het begin was het wennen. Ik had last van een jetlag en moest mijn draai vinden. Maar daarna begon ik beter te spelen."
Toch zit het soms ook tegen. "Ik heb het gevoel dat ik vaak tegen spelers aanloop die net hun beste spel laten zien." Desondanks ziet hij duidelijke progressie. "Ik ben tevreden. Ik word steeds een beetje beter. Stap voor stap."
Als nieuw gezicht op de tour zou Leek mogelijk kunnen profiteren van onderschatting door tegenstanders. Zelf ziet hij dat anders. "Misschien wel", zegt hij. "Maar zo voelt het niet. Ik heb het idee dat iedereen goed tegen me speelt." Hij blijft daarom gefocust op zijn eigen ontwikkeling. "Als ik zo blijf spelen, komen de resultaten vanzelf. Dan gaat het geluk ook een keer mijn kant op vallen."