Luke Humphries heeft het publiek getrakteerd op een wedstrijd die nog lang zal nazinderen. In een duel dat werkelijk alles bevatte – een historische negendarter, torenhoge gemiddelden, een sterke comeback van zijn tegenstander en een zenuwslopende beslissende leg – trok de titelverdediger op de
WInmau World Masters uiteindelijk aan het langste eind.
Humphries was in een bijzonder hoogstaande wedstrijd in de tweede ronde van de
Winmau World Masters 2026 uiteindelijk met 4-3 te sterk voor Luke Woodhouse. Vanaf de eerste pijl was duidelijk dat Humphries in een uitzonderlijke flow verkeerde. De Engelsman begon furieus en leek zijn tegenstander in de openingssets volledig te overrompelen. Het absolute hoogtepunt volgde al vroeg in de wedstrijd: een perfecte leg in negen pijlen. Niet alleen een zeldzame prestatie op zich, maar extra bijzonder omdat het de eerste negendarter ooit op het nieuwe bord was.
Mentale valkuil
“Die negendarter was natuurlijk fantastisch,”
blikte Humphries terug. “In de eerste twee sets zat ik echt in de flow. Alles ging vanzelf.” Tegelijkertijd erkende hij dat zo’n moment ook een mentale valkuil kan zijn. “Je adrenaline schiet door het dak. Eerlijk gezegd was ik blij met de pauze daarna. Je hebt echt even vijf minuten nodig om jezelf weer tot rust te brengen.”
Dat bleek geen overbodige luxe. Humphries gaf toe dat hij na de negendarter moeite had om volledig te ontspannen. “Je hebt net iets bijzonders gedaan, dat gebeurt niet elke dag. Het is lastig om daarna meteen weer ‘normaal’ te spelen.” Het verlies van de derde set werkte achteraf zelfs relativerend. “Misschien was dat wel goed voor me. Het haalde de spanning er een beetje af.”
Wat volgde was een wedstrijd met grote schommelingen. Waar Humphries aanvankelijk leek af te stevenen op een comfortabele overwinning, knokte zijn tegenstander zich met enorme veerkracht terug in de partij. Volgens Humphries lag dat niet zozeer aan een inzinking bij zichzelf, maar vooral aan het karakter en de kwaliteit van zijn opponent. “Hij toonde ongelooflijk veel lef. Dat soort momenten maken darts zo mooi.”
Indrukwekkend hoog niveau
Ondanks alles bleef het niveau indrukwekkend hoog. Humphries noteerde gedurende grote delen van de wedstrijd gemiddelden rond de 105 à 106. Slechts één set noemde hij zelf een echte dip. “Je kunt niet perfect zijn in elke set,” verklaarde hij nuchter. “Dat is gewoon de realiteit van darts.” Belangrijker was dat hij zich steeds weer wist te herpakken en in de beslissende momenten overeind bleef.
Dat kwam vooral tot uiting in de slotfase. In de allesbeslissende leg stond Humphries voor een lastige finish van 54. Een checkout die, zoals hij zelf zei, “altijd moeilijk is, ongeacht het toernooi”. Toch bleef hij koel en klaarde hij de klus onder maximale druk. “Dat moment liet zien dat ik vertrouwen heb in mijn materiaal en in mezelf.”
Die opmerking raakt aan een belangrijk thema in Humphries’ verhaal: zijn recente materiaalwissel. De Engelsman staat bekend als een licht bijgelovige speler, iemand die niet snel veranderingen doorvoert. Toch besloot hij dit seizoen enkele aanpassingen te maken aan zijn darts en flights. “Voor mij is dat een grote stap,” gaf hij toe. “Ik hou normaal gesproken vast aan wat vertrouwd is, zeker omdat ik gevoelig ben voor spanning en angst.”
Juist daarom was deze prestatie zo belangrijk. De negendarter en de manier waarop hij de wedstrijd afmaakte, bevestigen dat de nieuwe setup werkt. “Ik kan nu niet meer zeggen: die darts werken niet,” zei hij resoluut. “Ik heb twee wedstrijden laten zien dat ik goed kan scoren, goed kan finishen en dat ik onder druk kan presteren.”
Voortdurend op zoek naar verbetering
Humphries benadrukte dat hij voortdurend op zoek is naar verbetering. Kleine aanpassingen, misschien een millimeter extra op een punt of een subtiele wijziging aan de barrel, kunnen volgens hem het verschil maken. “Ik ben niet tevreden met alleen ‘de tweede beste’ te zijn,” stelde hij. “Ik wil winnen. Meer winnen.”
Die ambitie past bij zijn status. Humphries voelt dat hij soms te snel wordt afgeschreven na een paar mindere resultaten. “Dan hoor je mensen zeggen: hij heeft het niet meer, hij is niet de op één na beste,” zei hij. “Maar over de afgelopen drie jaar ben ik een van de meest constante spelers geweest.” Vooral in de grote toernooien, wanneer de druk het hoogst is, weet hij vrijwel altijd zijn niveau te halen.
Over zijn tegenstander was Humphries opvallend lovend. Luke Woodhouse – vaak gekscherend aangeduid als ‘de derde Luke’ – kreeg nadrukkelijk krediet. “Ik zei het tegen hem na afloop: je hebt laten zien dat je nu echt dat volgende niveau hebt.” Volgens Humphries beschikt Woodhouse al langer over scorend vermogen, maar ontbrak het soms aan beslissende momenten. “Vandaag liet hij zien dat hij dat karakter nu ook heeft. Hij kan de top 16 absoluut aanvallen.”
De wedstrijd was volgens Humphries een schoolvoorbeeld van wat moderne darts zo spectaculair maakt. “Het ebde en vloeide,” zei hij. “Voor de fans is dat fantastisch.” Zelf genoot hij er vooral van omdat hij aan de goede kant van de score bleef. “Als je zo’n wedstrijd verliest, voelt het anders. Maar winnen met een negendarter en een beslissende leg? Dat is een perfecte avond.”
Niet beste wedstrijd ooit
In historisch perspectief plaatst Humphries deze partij hoog op zijn persoonlijke lijst, al blijft één duel onaantastbaar. “De wedstrijd tegen Joe Cullen op het WK blijft voor mij de nummer één,” verklaarde hij. “Zonder die wedstrijd was ik geen wereldkampioen geworden.” Toch verwacht hij dat dit duel nog lang zal worden herinnerd, zeker als hij het toernooi weet te winnen.
Tot slot stond Humphries stil bij de steeds verder stijgende standaard in het professionele darts. Een gemiddelde van 100 is tegenwoordig lang niet altijd meer genoeg. “Er zijn dit jaar al genoeg voorbeelden geweest waarin 100 niet volstaat,” merkte hij op. “De standaard wordt gewoon steeds hoger. Waar 100 vroeger uitzonderlijk was, is het nu bijna normaal. Het gaat nu om 110 en hoger.”