De
Baltic Sea Darts Open van 2026 heeft een opvallende plaats ingenomen in de geschiedenis van de
European Tour. Het toernooi in Kiel leverde namelijk slechts vier wedstrijden op waarin een speler een gemiddelde van meer dan 100 noteerde. Daarmee behoort het evenement tot een uiterst select gezelschap. Slechts twee keer eerder gebeurde het dat een European Tour-toernooi minder dan vijf ton-plus gemiddelden kende: tijdens de Gibraltar Darts Trophy van 2017, waar slechts drie 100+ gemiddeldes werden geregistreerd, en tijdens de German Darts Open van 2023, dat eveneens op vier dergelijke prestaties bleef steken.
Vaak hoge gemiddeldes
Dat juist de
Baltic Sea Darts Open zich nu in dat rijtje schaart, is opmerkelijk. De European Tour staat al jaren bekend als het circuit waarop spelers regelmatig hoge gemiddeldes produceren en waar de grens van 100 punten per beurt vrijwel ieder weekend meerdere keren wordt doorbroken.
In Kiel bleef dat echter beperkt tot vier prestaties. Cameron Menzies was verantwoordelijk voor het hoogste gemiddelde van het toernooi met 108,41. Daarnaast wisten ook Justin Hood, Niko Springer en Sebastian Bialecki de magische grens van 100 te passeren.
De statistiek past bovendien binnen een bredere trend die dit seizoen zichtbaar is op de European Tour. Waar in voorgaande jaren grote aantallen 100+ gemiddeldes eerder regel dan uitzondering waren, ligt dat aantal in 2026 beduidend lager.
Luke Woodhouse won de Baltic Sea Darts Open 2026
Druk schema als mogelijke oorzaak
Diverse waarnemers binnen de dartswereld hebben daar inmiddels hun aandacht op gevestigd. Mogelijke verklaringen lopen uiteen van de samenstelling van de deelnemersvelden en een druk wedstrijdschema tot de afwezigheid van enkele absolute topspelers op bepaalde evenementen. Ook de toenemende onderlinge concurrentie kan een rol spelen, aangezien wedstrijden vaak langer gelijk opgaan en spelers minder ruimte krijgen om hun allerhoogste niveau te halen.
Opvallend genoeg betekent het lage aantal ton-plus gemiddeldes niet dat het niveau in Kiel ondermaats was. Integendeel, het toernooi kende verschillende spannende wedstrijden, veel maximale scores en een groot aantal beslissende legs. Het verschil zat vooral in het ontbreken van de uitzonderlijke gemiddelden die de afgelopen jaren zo kenmerkend waren voor de European Tour.
Mocht deze ontwikkeling zich in de resterende toernooien van het seizoen voortzetten, dan zou 2026 weleens de boeken in kunnen gaan als een van de meest opvallende jaren uit de geschiedenis van de European Tour. Niet vanwege een overvloed aan records, maar juist door de opvallende schaarste aan 100+ gemiddeldes.