Na een jaar vol hobbels en gemiste kansen stond
Ross Smith weer waar hij zich het liefst bevindt: op het podium, onder de lichten, met het publiek op de banken. De Engelsman, voormalig majorwinnaar en een vaste waarde op de ProTour, liet in Polen zien dat hij nog altijd over het spel en de mentaliteit beschikt om op het hoogste niveau mee te draaien. Zijn overwinning op tweevoudig wereldkampioen Daryl Gurney voelde dan ook als meer dan zomaar een zege in een vroege ronde van de European Tour.
“Eerlijk gezegd was ik niet eens bezig met hoe ik speelde,”
vertelde Smith na afloop. “Ik wist dat Daryl me vorig jaar en ook de keren daarvoor op het podium had verslagen. Voor mij telde dan ook maar één ding: de klus klaren en die overwinning pakken.”
Respect voor een kampioen
Smith weet als geen ander wat Gurney in huis heeft. De Noord-Ier won in het verleden onder meer de World Grand Prix en de Players Championship Finals en geldt als een taaie tegenstander, zeker op het grote podium. Zelfs bij een comfortabele voorsprong blijft hij gevaarlijk.
“Zelfs bij 5-0 weet je dat hij kan terugkomen als je zelf verslapt,” aldus Smith. “Daryl is een absolute professional. Wat hij allemaal bereikt heeft in deze sport dwingt respect af. Misschien haalde hij tegen mij niet zijn allerbeste niveau, maar we weten allemaal wat hij kan.”
Dat Smith juist tegen een speler van dat kaliber een overtuigende overwinning boekte, onderstreept zijn hernieuwde vertrouwen. De Engelsman kende een lastig 2025, waarin vorm en resultaten wisselvallig waren. Blessures en een moeizaam speelschema zorgden ervoor dat hij regelmatig achter de feiten aanliep.
Op weg terug naar zijn beste niveau
Smith zette de goede vorm van in Polen verder op het
Players Championship, waar hij vorige week het vijfde toernooi van het jaar van het jaar wist te winnen. De vraag die zich stelt: is Ross Smith weer op weg naar zijn topvorm? Zelf is hij voorzichtig optimistisch. “Ik voel dat ik er weer kom,” zegt hij. “De loting op de European Tour was dit keer ook iets gunstiger. Ik stond zestiende geplaatst, maar op die plek kom je vaak vroeg een topper tegen.”
Die zestiende positie op de wereldranglijst is een tweesnijdend zwaard. Je bent geplaatst, maar loopt in de tweede ronde direct tegen een absolute wereldspeler aan. Smith moest de laatste tijd opvallend vaak aantreden tegen de jonge sensatie Luke Littler, die in razend tempo de dartwereld heeft veroverd.
“Ik moet eigenlijk van die zestiende plek zien te komen,” lachte
Smith. “Inmiddels is me dat gelukt en sta ik vijftiende, maar dan krijg je weer iemand als Luke Humphries tegenover je. Het houdt niet op.”
Toch deert het hem niet. “Het is wat het is. Ik blijf vooruitkijken en mijn best doen. Uiteindelijk moet je van iedereen kunnen winnen.”
Ross Smith won vorige week een Players Championship
Het belang van de European Tour
Voor Smith zijn de European Tour-toernooien van onschatbare waarde. Het prijzengeld telt zwaar mee voor de wereldranglijst en kan het verschil maken tussen wel of niet geplaatst zijn voor grote televisietoernooien. “Die Euro Tours zijn gigantisch belangrijk,” benadrukt hij. “Eén gewonnen wedstrijd op een Euro Tour staat qua prijzengeld bijna gelijk aan een halve finale op een Players Championship. Dat zegt genoeg.”
Smith herinnert zich nog goed hoe hij in de beginjaren via kwalificatietoernooien moest proberen een plek te bemachtigen. “Ik zei altijd tegen mezelf: ik moet er minstens de helft halen om kans te maken op de tv-toernooien. Ze zijn echt enorm belangrijk.”
Waar sommige topspelers hun schema steeds vaker zorgvuldig managen en toernooien overslaan om rust te nemen, is dat voor Smith geen optie. “Ik speel alles wat ik kan spelen. De enige reden dat ik me zou terugtrekken is als ik echt ziek ben. Niet voor een verkoudheidje.”
Van vrachtwagenchauffeur naar profdarter
Die instelling komt niet uit de lucht vallen. Smith werkte jarenlang als vrachtwagenchauffeur en in een supermarkt voordat hij volledig van het darten kon leven. Hij weet hoe het is om lange dagen te maken voor een modaal salaris. “Er waren geen vrije dagen als vrachtwagenchauffeur,” zegt hij nuchter. “Dat was hard werken. Nu mag ik de wereld rondreizen, met mijn beste vrienden om me heen, en word ik betaald om darts te spelen. Dat is ongelofelijk.”
Zijn dankbaarheid is oprecht. “Ik heb me kapot gewerkt voor veel minder geld dan ik nu verdien. Ik reis de wereld over met jongens die bijna familie zijn, omdat je elkaar vaker ziet dan je eigen familie. Dan knijp ik mezelf soms echt even.”
Voor Smith is het profbestaan geen vanzelfsprekendheid. “Ik ben ontzettend dankbaar. Dit voelt nog altijd als een droom.”
Angst voor de top? Integendeel
De vraag of het soms niet gunstiger is om ongeplaatst te zijn – om zo de absolute wereldtop in de eerste rondes te ontlopen – wuift Smith weg. “Misschien werkt dat zo bij sommige majors, maar ik heb vertrouwen in mezelf.”
Over een mogelijk nieuw duel met Humphries is hij duidelijk. “Ik heb nog niet van hem gewonnen, maar ik speel vaak goed tegen hem. Hij haalt het beste in me naar boven. Ik weet dat ik toernooien kan winnen. Als ik morgen tegen hem speel, hoop ik mijn A-game te brengen. En dan zien we wel of dat genoeg is.”
Die bravoure is geen blinde overmoed, maar gestoeld op ervaring. Smith heeft al bewezen dat hij op grote podia kan toeslaan. Het gaat er nu vooral om die lijn vast te houden.
Een nieuw decor in Polen
Het toernooi in Polen – een relatief nieuwe bestemming op de dartkalender – maakte indruk op de Engelsman. “Het was fantastisch om daar aanwezig te zijn. Een nieuwe ervaring, en ik heb er enorm van genoten.”
Het publiek van ongeveer tweeduizend toeschouwers per sessie was volgens Smith voorbeeldig. “Ze waren ongelooflijk respectvol. Zowel naar mij als naar Daryl. Geen gefluit of boegeroep, gewoon mensen die van darts genieten. Daar kun je alleen maar blij mee zijn.”
In vergelijking met de vaak uitbundige Duitse zalen was de sfeer misschien iets rustiger, maar dat vond Smith geen probleem. “Sommige spelers klagen over gefluit of lawaai. Hier was het misschien wat stiller, maar heel respectvol. Dat is ook wat waard.”
Hij ziet zeker potentie voor verdere groei. “Als je nu al tweeduizend tot drieduizend mensen per sessie trekt, waarom zou dit geen vaste waarde kunnen worden? Het is mooi om eens ergens anders te spelen dan Duitsland. We komen daar zó vaak.”