De
World Matchplay 2026 gaat dit weekend van start. Van 18 tot en met 26 juli vormt de iconische Winter Gardens in Blackpool opnieuw het decor van één van de meest prestigieuze dartstoernooien van het jaar.
Alleen het WK Darts kent een hogere status op de PDC-kalender, waardoor de
World Matchplay door veel spelers en liefhebbers ook wel wordt omschreven als het 'zomer-WK'.
Dat imago wordt dit jaar nog eens extra versterkt door de verhoogde prijzenpot. Voor het eerst in de geschiedenis is er in Blackpool liefst één miljoen pond aan
prijzengeld te verdelen. Dat is weliswaar slechts twintig procent van de prijzenpot van het WK Darts, maar daar staat tegenover dat aan de World Matchplay slechts 32 spelers deelnemen, tegenover 128 op het wereldkampioenschap.
Elke deelnemer is verzekerd van 12.500 pond, terwijl de uiteindelijke winnaar naar huis gaat met een cheque van 225.000 pond. Juist omdat de bedragen in de slotfase van het toernooi zo snel oplopen, kan de World Matchplay traditioneel voor grote verschuivingen zorgen op de PDC Order of Merit.
Waarom is de World Matchplay zo belangrijk voor de wereldranglijst?
De PDC Order of Merit is gebaseerd op het prijzengeld dat spelers in de afgelopen 24 maanden hebben verdiend. Dat betekent dat de resultaten van de
World Matchplay van 2024 na afloop van deze editie van de ranking verdwijnen. Iedere speler moet dus zijn prestaties van twee jaar geleden zien te verdedigen.
Daarbij is het goed om te beseffen dat de prijzenpot in 2024 nog lager lag. Destijds werd er in totaal 800.000 pond verdeeld. Alleen al deelnemen leverde toen 10.000 pond op, terwijl de winnaar 200.000 pond ontving. Door de verhoging van de prijzenpot naar één miljoen pond is het dit jaar bovendien mogelijk om extra terrein te winnen, zelfs wanneer spelers hetzelfde resultaat neerzetten als twee jaar geleden. Voor een aantal grote namen staat er echter bijzonder veel op het spel.
Welke spelers moeten veel prijzengeld verdedigen?
Van alle deelnemers heeft Luke Humphries veruit het meeste prijzengeld te verdedigen. De Engelsman schreef de World Matchplay in 2024 op zijn naam en moet daardoor liefst 200.000 pond verdedigen op de wereldranglijst.
Ondanks dat enorme bedrag zal Humphries zijn tweede plaats op de PDC Order of Merit niet direct kwijtraken wanneer hij vroeg wordt uitgeschakeld. Wel wordt zijn voorsprong op nummer drie Gian van Veen aanzienlijk kleiner. Zonder die 200.000 pond
bedraagt het verschil nog slechts 62.000 pond.
Dat betekent dat Van Veen tijdens deze World Matchplay serieus kan dromen van een sprong naar de tweede plaats van de wereldranglijst. Daarvoor heeft de Nederlander wel minimaal een finaleplaats nodig, terwijl Humphries vóór de halve finales moet worden uitgeschakeld.
Ook voor
Michael van Gerwen wordt Blackpool een cruciaal toernooi. De Nederlander bereikte in 2024 de finale en verdedigt daardoor 100.000 pond. Voor Van Gerwen zijn de gevolgen van een vroege uitschakeling zelfs nog groter dan voor Humphries. Die ton vormt namelijk een veel groter percentage van zijn totale prijzengeld op de wereldranglijst. Virtueel zakt de drievoudig wereldkampioen daardoor terug naar de zesde plaats.
Sterker nog, het verschil met de nummer tien van de wereld bedraagt in dat scenario nog slechts 28.750 pond. Wanneer Van Gerwen direct strandt in de eerste ronde en concurrenten wel een goed resultaat neerzetten, kan hij dus zomaar richting de tiende plaats op de wereldranglijst zakken.
Voor Michael van Gerwen staat er veel op het spel tijdens de World Matchplay
Michael Smith en Dimitri Van den Bergh betalen de prijs voor afwezigheid
Niet alleen de aanwezige spelers krijgen met het verdedigen van prijzengeld te maken. Ook verschillende bekende namen die zich dit jaar niet wisten te plaatsen, leveren een flink bedrag in.
Michael Smith bereikte in 2024 nog de halve finales in Blackpool en verdiende daarmee 50.000 pond. Omdat 'Bully Boy' zich dit jaar niet heeft geplaatst, verdwijnt dat volledige bedrag van zijn ranking. Het gevolg is dat Smith in ieder geval terugvalt van de 33ste naar de 35ste plaats op de PDC Order of Merit.
Ook
Dimitri Van den Bergh ziet een flinke hap uit zijn ranking verdwijnen. De Belg haalde twee jaar geleden de kwartfinales, goed voor 30.000 pond. Omdat hij deze editie ontbreekt, zakt 'The DreamMaker' in ieder geval van de 39ste naar de 46ste plaats op de wereldranglijst.
Naast Humphries, Van Gerwen, Smith en Van den Bergh zijn er nog meerdere spelers die een aanzienlijk bedrag verdedigen. Ross Smith, Andrew Gilding en Rob Cross bereikten in 2024 eveneens de kwartfinales en moeten dus ieder 30.000 pond verdedigen. Anders dan Smith en Van den Bergh krijgen zij deze week wél de kans om dat prijzengeld opnieuw veilig te stellen.
James Wade behoort eveneens tot de spelers die een stevig bedrag verdedigen. De ervaren Engelsman haalde twee jaar geleden de halve finales en ziet daardoor eveneens 50.000 pond op het spel staan.
Daarnaast verliezen meerdere bekende namen automatisch hun startgeld uit 2024, omdat zij zich niet voor deze editie hebben geplaatst. Peter Wright, Ricardo Pietreczko, Daryl Gurney, Raymond van Barneveld, Brendan Dolan en Ritchie Edhouse zagen hun World Matchplay-avontuur twee jaar geleden al na de eerste ronde eindigen. Zij leveren nu allemaal 10.000 pond in op de wereldranglijst.
Spelers die er in tegenstelling tot 2024 dit jaar niet bij zijn op de World Matchplay
| Naam | Prijzengeld dat van de ranking verdwijnt |
| Michael Smith | £50.000 |
| Dimitri Van den Bergh | £30.000 |
| Peter Wright | £10.000 |
| Ricardo Pietreczko | £10.000 |
| Daryl Gurney | £10.000 |
| Raymond van Barneveld | £10.000 |
| Brendan Dolan | £10.000 |
| Ritchie Edhouse | £10.000 |
Wie hoeven er geen prijzengeld te verdedigen?
Waar sommige spelers onder druk staan om hun prestaties te evenaren, geldt voor anderen juist het tegenovergestelde. Zij hebben weinig of zelfs helemaal geen prijzengeld te verdedigen en kunnen daardoor flinke stappen zetten op de wereldranglijst.
Dat geldt allereerst voor
Wessel Nijman, Jermaine Wattimena, Kevin Doets, William O'Connor, Niko Springer, Niels Zonneveld, Dirk van Duijvenbode en Cameron Menzies. Zij ontbraken in 2024 op de World Matchplay en beginnen dus zonder enig prijzengeld dat van hun ranking verdwijnt.
Voor deze acht spelers betekent deelname automatisch al een plus van minimaal 12.500 pond op de PDC Order of Merit. Voor Kevin Doets, William O'Connor, Niko Springer en Niels Zonneveld wordt het bovendien hun debuut op het prestigieuze toernooi in Blackpool.
Wessel Nijman heeft geen prijzengeld te verdedigen in Blackpool en kan een serieuze stap zetten richting de top-10 van de wereldranglijst
Luke Littler kan opnieuw geschiedenis schrijven
Ook
Luke Littler behoort officieel tot de spelers die vrijwel niets te verdedigen hebben. De inmiddels tweevoudig wereldkampioen maakte in 2024 zijn debuut op de World Matchplay. De verwachtingen waren destijds al enorm, maar de Engelse tienersensatie werd direct uitgeschakeld door Michael van Gerwen.
Die nederlaag leverde hem destijds 10.000 pond op. Omdat het startgeld inmiddels is verhoogd naar 12.500 pond, gaat Littler ongeacht zijn resultaat dit jaar sowieso al 2.500 pond vooruit op de wereldranglijst.
Daar blijft het niet bij. Tijdens de World Matchplay kan Littler bovendien de eerste speler ooit worden die de grens van drie miljoen pond aan prijzengeld op de PDC Order of Merit bereikt. Om die historische mijlpaal te halen, heeft hij een finaleplaats in Blackpool nodig.
Grote namen kunnen vrijuit spelen
Naast Littler behoren ook Danny Noppert, Gary Anderson, Josh Rock en Gian van Veen tot de spelers die in 2024 al in de eerste ronde werden uitgeschakeld. Zij hoeven daardoor nauwelijks prijzengeld te verdedigen en kunnen zonder de druk van een groot bedrag dat van hun ranking verdwijnt aan het toernooi beginnen. Iedere overwinning betekent voor deze spelers vrijwel direct winst op de wereldranglijst.
Dat geldt in iets mindere mate voor Gerwyn Price, Nathan Aspinall, Jonny Clayton en Stephen Bunting. Zij strandden twee jaar geleden in de tweede ronde en verdienden destijds 15.000 pond.
Met het verhoogde startgeld van 12.500 pond hoeven zij daardoor effectief nog slechts 2.500 pond te verdedigen. Ook voor deze spelers biedt Blackpool dus volop kansen om terrein te winnen.
Juist omdat de verschillen op de PDC Order of Merit in de subtop relatief klein zijn, kan de World Matchplay dit jaar voor een flinke herschikking zorgen. Tussen de vierde en de veertiende plaats zit slechts iets meer dan een ton verschil. Daardoor kan één sterk toernooi voldoende zijn om meerdere posities tegelijk te stijgen.
Wessel Nijman is daar misschien wel het beste voorbeeld van. De Nederlander begint de World Matchplay als nummer veertien van de wereld, maar heeft geen prijzengeld te verdedigen. Wanneer hij erin slaagt de finale te bereiken, kan hij zomaar doorschuiven naar de vierde plaats op de wereldranglijst.