Michael van Gerwen heeft zich opnieuw in een bijzonder rijtje genesteld. Tijdens het vijftiende
Players Championship-toernooi van het jaar noteerde de Nederlander tijdens zijn 7-0 gewonnen duel in de halve finale tegen Martin Schindler een gemiddelde van 122,34, goed voor het vijfde hoogste gemiddelde score ooit gemeten sinds de Players Championship-circuits officieel worden bijgehouden via DartConnect. Daarmee bevestigde Van Gerwen nogmaals waarom hij al jarenlang tot de absolute wereldtop behoort.
Select gezelschap
Het
indrukwekkende gemiddelde van de drievoudig wereldkampioen behoort bovendien tot een uiterst select gezelschap. In ongeveer 31.000 gespeelde wedstrijden op de Players Championship-tour werden slechts tien gemiddelden van boven de 120 geregistreerd.
Dat onderstreept hoe uitzonderlijk dergelijke prestaties zijn in het professionele darts. Een gemiddelde boven de 120 betekent namelijk dat een speler vrijwel foutloos moet gooien over meerdere legs, met een combinatie van zware scores en bijzonder efficiënte finishes.
De hoogste notering aller tijden staat nog steeds op naam van José de Sousa. De Portugees produceerde tijdens Players Championship 13 in 2021 een fenomenaal gemiddelde van 127,01. Die prestatie wordt door veel dartsliefhebbers beschouwd als een van de meest indrukwekkende wedstrijden ooit op de ProTour. Op de tweede plaats staat Gary Anderson, die in 2024 tijdens Players Championship 15 een gemiddelde van 123,83 liet optekenen.
Ook Peter Wright prijkt hoog op de lijst. De kleurrijke Schot gooide in 2019 tijdens Players Championship 29 een gemiddelde van 123,53, goed voor de derde plaats in de rangschikking.
Michael van Gerwen won Players Championship 15
Littler nog net boven Van Gerwen
Net boven Van Gerwen vinden we het jonge supertalent Luke Littler terug. De Engelsman haalde in 2025 tijdens Players Championship 5 een gemiddelde van 122,96 en nestelde zich daarmee op de vierde plaats aller tijden.
Hoewel Van Gerwen dus net buiten de top vier valt, blijft zijn prestatie van uitzonderlijk niveau. Zeker gezien de enorme hoeveelheid wedstrijden die jaarlijks op de vloer worden gespeeld, toont zijn 122,34 nogmaals aan dat de Nederlander nog altijd in staat is om darts van een haast onaards niveau te produceren.