Afgelopen weekend werd in het Duitse Sindelfingen het vijfde toernooi van de
European Tour 2026 afgewerkt. De eindzege op de
European Darts Grand Prix ging er naar Gerwyn Price, die in de finale met 8-6 te sterk was voor Ross Smith.
Lagere gemiddeldes
Het aantal 100+ gemiddeldes in de eerste vijf toernooien van de
PDC European Tour van 2026 ligt opvallend lager dan in de voorgaande jaren. Waar er in 2024 nog 104 wedstrijden waren waarin een speler een gemiddelde van boven de 100 noteerde, daalde dat aantal in 2025 naar 94 en is het in 2026 na vijf evenementen zelfs teruggevallen naar slechts 66. Die cijfers wijzen op een duidelijke trendbreuk, al is het nog vroeg in het seizoen om definitieve conclusies te trekken.
Toch zijn er verschillende factoren die deze daling kunnen verklaren. Allereerst spelen de omstandigheden op de verschillende speellocaties mogelijk een rol. Kleine variaties in bijvoorbeeld temperatuur, luchtcirculatie of verlichting kunnen een merkbaar effect hebben op het scorend vermogen van spelers.
Op het hoogste niveau, waar marges minimaal zijn, kan dat net het verschil maken tussen een gemiddelde van 98 en eentje boven de magische grens van 100.
Luke Littler sloeg dit jaar al diverse Euro Tour-toernooien over
Toppers ondermaats of afwezig
Daarnaast lijkt ook de vorm van enkele topspelers een belangrijke factor. Spelers als Michael van Gerwen, Luke Littler en Luke Humphries zijn doorgaans goed voor een aanzienlijk deel van de 100+ gemiddeldes op de European Tour. Wanneer zij, om welke reden dan ook, niet hun absolute topniveau halen in de eerste fase van het seizoen, werkt dat direct door in de statistieken. Verschillende van de topspelers sloegen ook al diverse toernooien over.
Ook de toernooiformat en loting kunnen invloed hebben. In de vroege rondes worden relatief korte wedstrijden gespeeld, waarin spelers minder tijd hebben om een mindere fase te herstellen. Bovendien zorgen eenzijdige partijen of wedstrijden waarin het niveau wisselvallig is er vaak voor dat de grens van 100 net niet wordt gehaald.
Tot slot kan er sprake zijn van een lichte correctie na een uitzonderlijk sterk jaar. Het seizoen 2024 springt er met 104 100+ gemiddeldes duidelijk uit, wat suggereert dat het scorend niveau toen bijzonder hoog lag. In dat licht bezien is de huidige daling mogelijk deels een terugkeer naar een meer gemiddeld niveau.
Of deze trend zich doorzet, zal de komende toernooien moeten blijken. Als het aantal 100+ gemiddeldes laag blijft, kan er gesproken worden van een structurele ontwikkeling. Vooralsnog lijkt het echter een combinatie van vorm, omstandigheden en natuurlijke fluctuatie binnen de sport.