Gary Anderson denkt na over einde dartscarrière: "Misschien verdwijn ik gewoon zonder iets te zeggen"

PDC
Gary Anderson
Gary Anderson behoort al jarenlang tot de absolute grootheden van de dartswereld, maar de 55-jarige Schot beseft dat het einde van zijn carrière steeds dichterbij komt. De tweevoudig wereldkampioen geniet nog altijd van het spelletje, al merkt hij dat het steeds moeilijker wordt om meerdere dagen achter elkaar op topniveau te presteren. In een uitgebreid interview met Online Darts spreekt 'The Flying Scotsman' over zijn toekomst, de overvolle dartskalender en de veranderingen binnen de dartswereld. Ook plaatst hij vraagtekens bij het niveau van de huidige generatie.
Anderson was aanwezig bij de presentatie van de Unicorn-collectie voor 2027 op Bradmore Farm. Hoewel hij al jarenlang aan de fabrikant verbonden is, kijkt de Schot nog altijd uit naar de introductie van nieuwe producten.
"Ik vind het prachtig om te zien wat er allemaal nieuw op de markt komt. Het is een van mijn favoriete momenten van het jaar, en dat zeg ik niet alleen omdat ik bij Unicorn onder contract sta", vertelt Anderson. Of hij zelf binnenkort met nieuwe pijlen gaat gooien, weet hij nog niet.

Anderson merkt dat de jaren beginnen te tellen

Op sportief gebied beleeft Anderson een wisselvallige periode. Tijdens de World Grand Prix liet hij bij vlagen zijn klasse zien, maar een succesvol vervolg bleef uit. Vooral over zijn tweede wedstrijd was de Schot niet tevreden.
"Tijdens die tweede partij zat ik er eigenlijk helemaal niet in. Mijn worp klopte van geen kant. Zo gaat dat tegenwoordig. Ik kan één wedstrijd heel goed spelen, maar daarna is het afwachten wat er gebeurt. Toch geniet ik nog steeds van het darten."
Volgens Anderson ligt het probleem niet zozeer bij zijn niveau, maar vooral bij het vasthouden daarvan gedurende meerdere dagen. Met name toernooien waarin spelers op één dag meerdere wedstrijden moeten afwerken, beginnen hun tol te eisen.
"We hebben het hier eerder over gehad. Op de European Tour is het bereiken van de zondag nog wel te doen, al zeg ik niet dat het gemakkelijk is. Maar als je vervolgens drie wedstrijden op één dag moet spelen, ontbreekt het me soms aan de energie om door te blijven gaan."
Anderson heeft zich dit seizoen bovendien niet voor alle grote toernooien weten te plaatsen. Daarvoor neemt hij zelf de verantwoordelijkheid. Hij heeft bewust minder wedstrijden gespeeld, omdat hij ook tijd met zijn gezin wil doorbrengen.
"Als ik me niet plaats, ligt dat volledig aan mezelf. Ik heb dit jaar niet aan veel toernooien meegedaan, maar ik kan nu eenmaal niet op twee plaatsen tegelijk zijn. Volgens mij heeft Barry daar andere ideeën over, maar ik heb ook een leven buiten het darts en een gezin waarvoor ik moet zorgen. Het is moeilijk om die twee dingen te combineren."
Daarmee verwijst Anderson naar eerdere uitspraken van PDC-topman Barry Hearn over spelers die minder toernooien afwerken en vervolgens niet op uitnodigingen voor de World Series hoeven te rekenen. Anderson maakt zich daar niet druk om.
"Ik heb die toernooien gespeeld en het was fantastisch om mee te maken. Maar tegenwoordig kan ik niet eens meer zo lang in een vliegtuig zitten. Een paar uur in de auto is al erg genoeg. Laat de jongeren het nu maar doen."
Gary Anderson wijst met zijn vinger.
Anderson speelde dit jaar slechts 4 van de 15 European Tour-toernooien.

"Vroeger waren de gemiddelden hoger"

Anderson heeft het professionele darts in de afgelopen twintig jaar enorm zien veranderen. Toch is hij er niet van overtuigd dat het niveau tegenwoordig over de gehele breedte hoger ligt dan tijdens zijn eigen hoogtijdagen.
"Als je zes of zeven jaar teruggaat, misschien zelfs iets langer, denk ik dat de gemiddelden hoger lagen. Er worden tegenwoordig behoorlijk wat wedstrijden gewonnen met gemiddelden rond de 88. Vroeger kon je met een gemiddelde van 99 tot 101 nog steeds in de problemen komen."
Hij doelt vooral op de periode tussen 2015 en 2019, toen spelers als Michael van Gerwen, Phil Taylor, Adrian Lewis, Peter Wright en Raymond van Barneveld regelmatig hoge gemiddelden noteerden. "Er waren toen ontzettend veel goede darters die heel hoge gemiddelden gooiden. Natuurlijk heb je tegenwoordig Luke Littler, Luke Humphries en spelers als Gerwyn Price en Jonny Clayton, die dat niveau ook kunnen halen."
Waarom de huidige generatie volgens hem minder vaak dergelijke cijfers laat zien, weet Anderson niet. "Misschien is er meer druk. Ik weet het niet."
Wat Anderson misschien nog wel meer mist dan het niveau van vroeger, is de sfeer achter de schermen. De Schot herkent zich in uitspraken van James Wade, die onlangs liet weten met weemoed terug te denken aan de vroegere dartsgeneratie.
"Vooral de onderlinge lol mis ik. Tegenwoordig zit je in de spelersruimte en zegt bijna niemand iets. Ik zit nog weleens met Ian White en de anderen aan tafel en dan maken we elkaar helemaal gek. Gewoon ouderwetse humor. Praten over vroeger, elkaar een beetje plagen. Dat was prachtig."
Ook de huidige wedstrijdkalender zou volgens Anderson anders kunnen worden ingericht. Niet omdat hij vindt dat er per definitie te veel darts wordt gespeeld, maar omdat spelers voortdurend moeten reizen.
Hij pleit ervoor om Players Championship-toernooien vaker achter elkaar te organiseren. "Waarom organiseren we niet eens in de twee maanden een hele week met vijf tot zeven Pro Tour-toernooien? Dan heb je die wedstrijden in één keer afgewerkt en houd je veel meer weken vrij. Je hoeft niet voortdurend heen en weer te reizen."
De Schot verwijst daarbij naar de coronaperiode, toen meerdere toernooien achter elkaar werden gehouden. "Dat vond ik prima. We zijn toch professionele darters? Als er zeven dagen achter elkaar darts op het programma staat, dan spelen we zeven dagen. Klaar. Vooral voor spelers met jonge gezinnen zou dat veel beter zijn. Het is zwaar om voortdurend van huis te zijn."

"Misschien verdwijn ik gewoon"

Een ander onderwerp dat steeds vaker ter sprake komt, is het naderende pensioen van Anderson. De Schot heeft in zijn hoofd wel ideeën over de komende jaren, maar weigert een concrete einddatum te noemen. "Ik weet wat ik van plan ben, maar of het allemaal zo uitpakt is een tweede. In mijn hoofd klinkt het altijd goed, maar wanneer het zover is, begin ik toch weer te twijfelen."
Op de vraag of hij zijn afscheid groots zou aankondigen, volgt een typisch Anderson-antwoord. "Misschien verdwijn ik gewoon", zegt hij lachend. "Ik zou nooit aankondigen dat het mijn laatste jaar is. Stel dat ik een jaar later denk: verdorie, ik mis het darten. Dan moet ik weer terugkomen op mijn woorden."
De Schot ziet meer in een geruisloos vertrek, waarbij hij de deur voor een eventuele terugkeer openhoudt. "Als ik gewoon een tijdje verdwijn zonder iets te zeggen, ben ik eigenlijk nooit officieel gestopt. Dan heb ik alleen even vrij genomen, toch? Maar ik denk wel dat als je eenmaal zegt dat je klaar bent, je ook echt klaar moet zijn."
Voorlopig blijft Anderson in ieder geval actief op het hoogste niveau. Hoewel hij beseft dat de jaren beginnen te tellen en het combineren van zijn privéleven met de dartskalender steeds lastiger wordt, heeft hij nog altijd plezier in het spelletje. Wanneer hij definitief afscheid neemt, weet hij zelf nog niet. En als het aan 'The Flying Scotsman' ligt, hoeft de buitenwereld dat misschien ook helemaal niet vooraf te weten.
Claps 0bezoekers 0
loading

Net Binnen

Meest Gelezen

Laatste Reacties

Loading