John Part heeft in zijn lange carrière vrijwel alles meegemaakt wat de dartsport te bieden heeft. De drievoudig wereldkampioen speelde tegen de grootste namen uit verschillende generaties en volgt tegenwoordig als commentator de ontwikkelingen aan de absolute top op de voet. In een uitgebreid interview met
Online Darts tijdens de World Grand Prix in Leicester sprak de inmiddels zestigjarige Canadees over de opmars van het darts in Noord-Amerika, de bijzondere kwaliteiten van
Luke Littler en de discussie over het huidige niveau in de dartsport.
Part vierde dit jaar zijn zestigste verjaardag, maar denkt voorlopig nog niet aan een leven zonder darts. Sterker nog, de voormalig wereldkampioen staat zelf nog regelmatig aan de oche.
"Ik heb dit jaar de grote 6-0 bereikt, de triple 20", grapte Part. "Dat is best intimiderend. Ik probeer wat beter voor mezelf te zorgen en een beetje af te vallen. Verder ben ik behoorlijk vrolijk. Ik kan hier en daar nog wat darts spelen. De lokale competities bij mij thuis zijn weer begonnen en ik doe nog altijd mee aan wedstrijden van de CDC. Daarnaast mag ik commentaar geven. Ik heb dus eigenlijk van alles wat en dat houdt het leven interessant."
Noord-Amerika ontdekt de dartsport
Een van de ontwikkelingen die Part bijzonder veel voldoening geven, is de groeiende populariteit van darts in Noord-Amerika. De US Darts Masters in Madison Square Garden in New York trekt ieder jaar grote aantallen enthousiaste supporters. Volgens Part is inmiddels duidelijk dat de belangstelling voor de sport geen tijdelijk verschijnsel is.
"Ik ben er nu drie of vier jaar geweest en ieder jaar voelt het steeds natuurlijker aan. In het begin hoopte je vooral dat zoiets überhaupt mogelijk zou zijn in Noord-Amerika. Misschien vroeg je je de eerste jaren zelfs af of het allemaal wel echt was. Maar inmiddels weten we dat het zo is. Er bestaat daadwerkelijk een oprechte liefde voor darts."
De Canadees hoopt dat het succes van het evenement ook andere organisaties stimuleert om meer te investeren in de Noord-Amerikaanse dartsport. "De fans zorgen voor die geweldige sfeer en steunen het evenement. Dat is precies wat we nodig hebben in Noord-Amerika. Het zou mooi zijn als dat zich vertaalt in meer evenementen zoals die van de CDC, waarbij Noord-Amerikaanse spelers centraal staan. Die spelers hebben tijdens de US Darts Masters al laten zien wat ze kunnen. Volgens mij hebben ze bewezen dat ze meer steun verdienen."
Ook het niveau van de spelers op het continent stemt Part positief. Hoewel hij voorzichtig is met vergelijkingen met zijn eigen beginjaren, ziet hij een steeds sterker deelnemersveld ontstaan. "Ik denk dat het niveau in ieder geval hoger ligt dan het lange tijd heeft gedaan. Toen ik begin jaren negentig begon, liep er ook een hele groep uitstekende darters rond. Iedereen had zijn eigen reputatie en verhalen. Nu bouwen we opnieuw zo'n omgeving op, met verschillende niveaus van professionele spelers."
Dat merkt Part ook wanneer hij zelf aan een toernooi deelneemt. Zijn status als drievoudig wereldkampioen zorgt er namelijk voor dat tegenstanders extra gemotiveerd zijn. "Door mijn naam krijg ik natuurlijk aandacht. Ik ben iemand die ze graag willen verslaan. Ze zijn op zijn minst op hun hoede wanneer ze tegen me spelen. Daarom moet ik behoorlijk scherp zijn om met de meeste van die jongens mee te kunnen."
Part werd in zijn carrière in totaal drie keer wereldkampioen.
"Dit is zelfs voor Luke Littler niet normaal"
Daarna kwam het gesprek vanzelf terecht bij Luke Littler. De jonge Engelsman werd tijdens de
World Grand Prix verrassend in de eerste ronde uitgeschakeld door Luke Woodhouse. De nederlaag zorgde voor de nodige discussie over zijn vorm, maar volgens Part worden dergelijke resultaten veel te zwaar gewogen. "Absoluut, iedereen kan verliezen. En iedereen kan weleens een wedstrijd spelen waarin hij niet zijn beste niveau haalt."
Part verwees daarbij naar de uitzonderlijke prestaties die Littler eerder dit seizoen tijdens de World Matchplay had laten zien. "We hebben natuurlijk dat belachelijk goede optreden van Littler tijdens de World Matchplay gezien, waarin hij iedere ronde zo'n 110 gemiddeld leek te gooien. Maar dat is niet normaal. Zelfs voor hem niet. Uiteindelijk trekken zulke dingen zich weer een beetje recht."
Volgens de Canadees is het onmogelijk om voortdurend dezelfde intensiteit en motivatie op te brengen. Dat geldt zelfs voor iemand met het talent van Littler. "Je hebt maar een bepaalde hoeveelheid energie om ergens in te steken. Om echt gemotiveerd te zijn, je beste niveau te halen en er volledig mee bezig te zijn, kost energie. Ik denk niet dat hij zich hier al te veel zorgen over maakt."
De voormalig wereldkampioen ziet dan ook geen enkele aanleiding om aan de kwaliteiten van Littler te twijfelen. Hij verwacht vooral dat de Engelsman zijn beste vorm op de juiste momenten wil laten zien. "Ik maak me totaal geen zorgen over zijn vorm of zijn kwaliteiten. Het belangrijkste is de timing. Ik vermoed dat de Grand Slam belangrijk voor hem wordt en het WK natuurlijk helemaal. Als hij er tegen die tijd staat, is dat het enige wat telt. Volgens mij is hij nu ook gewoon goed. Hij speelde alleen een mindere wedstrijd."
"Hij is het niet gewend om te verliezen"
Part behoort tot de selecte groep spelers die zowel Phil Taylor als Michael van Gerwen op hun absolute top van dichtbij hebben meegemaakt. Juist daarom is zijn oordeel over Littler interessant. Wanneer hem wordt gevraagd hoe de jonge Engelsman zich verhoudt tot die twee grootheden, is Part bijzonder lovend. "Ik schat hem in bepaalde opzichten zelfs hoger in, vooral omdat hij nog zo jong is. Kijk eens wat hij allemaal al heeft bereikt."
Volgens Part ligt de grootste kracht van Littler niet uitsluitend in zijn scorend vermogen of zijn finishes, maar vooral in zijn mentaliteit. De Engelsman heeft op zo'n jonge leeftijd al zoveel succes ervaren dat winnen voor hem bijna vanzelfsprekend is geworden. "Hij heeft die hele leercurve al doorlopen toen hij nog een tiener was, misschien zelfs al voordat hij een tiener werd. Het lijkt wel alsof hij mentaal geprogrammeerd is om te winnen."
Dat levert volgens Part een bijzonder lastige situatie op voor zijn concurrenten. Waar andere spelers moeten leren omgaan met succes en de druk die daarbij komt kijken, lijkt Littler nauwelijks last te hebben van dergelijke problemen. "Het is een verschrikkelijke ontwikkeling voor iedereen die tegen hem moet spelen. Iedere overwinning versterkt bij hem alleen maar het idee dat hij hoort te winnen."
Vooral de manier waarop Littler met nederlagen omgaat, maakt indruk op de Canadees. "Hij is het helemaal niet gewend om vaak te verliezen. Hij maakt zich er ook niet zoveel zorgen over. Het gebeurt gewoon af en toe, maar hij wint toch al zoveel. Zo'n nederlaag als hier zit hem echt niet dwars."
Part vermoedt zelfs dat Littler na een teleurstelling nauwelijks tijd nodig heeft om de knop om te zetten. "Volgens mij denkt hij gewoon: prima, dan win ik later wel weer een heleboel wedstrijden. En dan is alles weer goed."
"We leggen darters tegenwoordig veel te veel onder een vergrootglas"
Tot slot ging Part in op een discussie die regelmatig terugkeert onder dartsfans: ligt het niveau aan de absolute top tegenwoordig lager dan pakweg tien jaar geleden?
In de periode waarin onder anderen Michael van Gerwen, Phil Taylor, Raymond van Barneveld, Adrian Lewis, Gary Anderson en Peter Wright tot de wereldtop behoorden, leek de concurrentie behoorlijk sterk. Sommige volgers vinden dat het huidige niveau achter Littler en Luke Humphries minder indrukwekkend is. Part is het daar absoluut niet mee eens. "Helemaal niet. Wat er gebeurt, is dat mensen terugdenken aan vroeger en zich vooral de beste momenten herinneren."
De Canadees illustreerde dat met een advies dat hij regelmatig aan beginnende darters geeft. "Maak je niet druk om je slechte beurten tijdens een toernooi. Mensen onthouden die namelijk niet. Ze herinneren zich juist de goede dingen. Hetzelfde geldt voor wedstrijden. Mensen herinneren zich je geweldige optredens veel beter dan die keer dat je als een prutser met 4-0 werd afgedroogd in de tweede ronde van een WK."
Volgens Part speelt de enorme hoeveelheid beschikbare informatie tegenwoordig een belangrijke rol in de beeldvorming. "We kunnen tegenwoordig bijna iedere wedstrijd van een darter volgen. Vrijwel alles wordt wel ergens gestreamd. Daardoor weten we veel meer over alle prestaties, ook wanneer iemand een slechte dag heeft."
Dat was in zijn eigen tijd totaal anders. Part herinnert zich dat veel rankingtoernooien werden georganiseerd door externe partijen, soms zelfs op vakantieparken. Van uitgebreide statistieken was geen sprake. "Toen ik begon, hadden we geen DartConnect, geen gemiddelden, helemaal niets. De enige gemiddelden die we ooit te zien kregen, waren die van wedstrijden op televisie."
Daardoor ontstaat volgens hem ten onrechte de indruk dat spelers vroeger buiten de televisietoernooien nooit uitzonderlijke gemiddelden produceerden. "Sommige mensen denken daardoor dat we tijdens open toernooien nooit geweldige gemiddelden gooiden. Maar dat klopt natuurlijk niet. Er werd daar soms spectaculair goed gedart, zeker in wedstrijden over maximaal vijf legs."
Part kan zich goed voorstellen dat er destijds gemiddelden werden gegooid die ook tegenwoordig indruk zouden maken. "Ik weet vrijwel zeker dat ik ooit door iemand met drie legs in twaalf pijlen van het bord ben geveegd. Dan heb je het over een wedstrijd van maximaal vijf legs. Er moeten destijds dus ook krankzinnige gemiddelden zijn gegooid."
Het grote verschil zit volgens de Canadees vooral in de registratie en verslaggeving. Tegenwoordig worden vrijwel alle prestaties van topspelers uitgebreid geanalyseerd, terwijl veel indrukwekkende wedstrijden uit het verleden simpelweg nooit zijn vastgelegd.
"We beschikken tegenwoordig over zoveel meer informatie. Alles ligt onder een vergrootglas en volgens mij zijn we daardoor veel te kritisch geworden. Zonder iemand te willen beledigen", besloot Part met een knipoog.